Algemeen nieuws landbouwonderwijs

Nieuwsberichten periode maart  1999

Minister Apotheker op bezoek in Barneveld

Op 17 februari jl. bracht minister drs. H.H. Apotheker een bezoek aan IPC Dier te Barneveld. Centraal stond een gesprek met vertegenwoordigers van de Stichting Vernieuwing Gelderse Vallei en de varkenshouders in dit gebied.

Aansluitend op het gesprek werd de minister in het infocentrum rondgeleid door Hermans Voortman en Peter van Rees. Gedurende een half uur kon met hem gesproken worden over het doel van het infocentrum en de activiteiten van de ipc's.

Op 31 maart a.s. zal de minister alweer in Barneveld zijn om dan het nieuwe Pluimveemuseum te openen; een initiatief van de eerste directeur in Barneveld, de heer Henk Rietberg.

Minister Apotheker in het Infocentrum van  IPC Dier Barneveld

Foto: Wil Groenhuijsen

Samenwerking Utrecht - Wageningen

De Landbouwuniversiteit Wageningen en de Universiteit Utrecht hebben besloten tot een vergaande samenwerking op het gebied van bio-agrarische, bio-medische, natuur- en aardwetenschappelijke opleidingen. De twee universiteiten denken daardoor een grotere wetenschappelijke bijdrage te kunnen leveren aan de oplossing van maatschappelijke problemen.

Wageningen en Utrecht hadden al enkele gezamenlijke onderzoekscholen. Nu worden de leerstoelen en programma's van zes studierichtingen volledig in elkaar geschoven. Studenten kunnen voortaan zonder probleem overstappen van Utrecht naar Wageningen of omgekeerd.

Voor Utrecht is het internationale karakter van de Wageningse universiteit interessant. Wageningen verwacht voordeel van de Utrechtse opleiding Diergeneeskunde en het biomedisch profiel van Utrecht.

Beide universiteiten willen de levenswetenschappelijke kant van technische studies meer aandacht geven. Dit moet ertoe leiden dat meer scholieren voor een bèta-technsiche studie zullen kiezen.

Opleidingsnamen definitief

Het Centraal Management Team van het Samenwerkend Hoger Agrarisch Onderwijs heeft definitief de namen van de nieuwe - in het kader van 'Kern en Profiel geconverteerde - opleidingen vastgesteld. Geadviseerd door verschillende werkgroepen heeft genoemd gremium besloten de volgende namen in het CROHO (Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs) te laten inschrijven:

Bos- en natuurbeheer
Land water en milieubeheer
Bedrijfskunde en agribusiness
Accountancy en agribusiness
Tuinbouw en akkerbouw
Dier- en veehouderij
Diermanagement
Voedingsmiddelentechnologie
Tuin- en landschapsinrichting
Plattelandsvernieuwing
Laboratoriumtechniek
Biotechnologie
Educatie en kennismanagement groen sector

Veldbiologische dagen 1999

Dit jaar zullen de 'Veldbiologische dagen' in Limburg worden gehouden. Om wat preciezer te zijn op 3 en 4, 7 en 8 juni en 9 en 10 juni 1999 in de omgeving van Roermond. Daar liggen volgens organisator Chris Jellema en zijn werkgroep een aantal bijzondere natuurgebieden. Naast het bezoeken van deze natuurgebieden heeft de werkgroep rekening gehouden met de wensen die tijdens de evaluatie van de 'Veldbiologische dagen 1998' naar voren zijn gebracht. Zo kunnen de deelnemers een aantal watermonsters onder een microscoop bekijken. Ook leerlingopdrachten over vogels, planten en insecten komen aan de orde en verder staat een bezoek aan het witte stadje Thorn op het programma.

Binnenkort ontvangen alle biologievakgroepen op de aoc-locaties en scholengemeenschappen een mailing met meer informatie. Wie niet kan wachten wende zich tot de heer J.G.Simmelink, Stoas-APH Dronten, tel. 0321 386100.

Klacht tegen Hogeschool IJselland gegrond

Hogeschool IJselland mag volgens de Codecommissie Opleidingenaanbod HBO niet de indruk wekken dat een afstudeerrichting een opleiding is. Volgens de codecommissie heeft Hogeschool IJselland met haar advertentie voor studentenwerving in strijd met bepaling 3 van de Gedragscode Omgang Opleidingenaanbod HBO gehandeld. De Codecommissie stelde daarmee de Internationale Agrarische Hogeschool Larenstein in het gelijk. Hogeschool IJselland moet voortaan in haar publieke presentaties afstudeerrichtingen presenteren als onderdeel van een officile opleiding.

De Internationale Agrarische Hogeschool Larenstein diende op 24 juni 1998 een klacht in tegen Hogeschool IJselland bij de Codecommissie Opleidingenaanbod HBO. Deze klacht betrof een advertentie die in De Volkskrant was geplaatst. Larenstein maakte bezwaar tegen het feit dat in de advertentie de afstudeerrichting Natuur, Milieu en Landschap van de opleiding Milieutechnologie wordt gepresenteerd als een zelfstandige opleiding. Daarmee handelde Hogeschool IJselland in strijd met de gedragscode. Met die gedragscode willen de hogescholen in Nederland transparantie bevorderen over te behalen kwalificaties binnen hun opleidingenaanbod.

de klacht van Larenstein dat de naam van de IJsselland-afstudeerrichting 'natuur milieu en landschap' sterk overeenkomst met die van de opleidingen Bos- en Natuurbeheer, Tuin- en Landschapsinrichting en Land, Water, Milieubeheer achtte de codecommissie niet gegrond. Volgens haar is deze naamgeving niet strijdig met bepaling 4 van de gedragscode. Deze bepaling stelt dat voor afstudeerrichtingen geen namen gebruikt mogen worden die overeenkomen met namen van in het CROHO geregistreerde opleidingen.

De derde klacht van Larenstein, dat de betreffende afstudeerrichting niet gezien kan worden als een specialisatie van de opleiding Milieutechnologie, verwees de Codecommissie door naar de Inspectie Hoger Onderwijs. De Codecommissie achtte zich niet bevoegd voor deze klacht.

Ecologisch landbouwbedrijf virtueel bereikbaar

Plattelandsvernieuwing op uw bureau. Het ecologisch landbouwbedrijf 'De Eemlandhoeve' van Bunschoter boer Jan Huigen is sinds 17 maart virtueel bereikbaar.

In april 1998 kreeg Huigen subsidie voor zijn 'groene communicatie boerderij'. Doel van het project is dat de boerderij virtueel en reëel boer en burger dichter bij elkaar brengen. Ontmoetingsplaats: www.eemlandhoeve.nl.

Door allerlei activiteiten brengt de Eemlandhoeve de natuur en het boerenleven onder de aandacht van burgers. Op de hoeve zelf gebeurt dit bijvoorbeeld door het maken van appelwijn, het vlechten van manden en door kennis te maken met de zoogkoeien die rondlopen in de potstal. Voor scholieren is er een uitgebreid educatief pakket.

De website is in feite een uitbreiding van de echte boerderij. In het echt zien bezoekers een momentopname van het boerenleven terwijl ze op het internet alle aspecten van de boerderij in elk seizoen kunnen onderzoeken. Dit laatste kan door korte filmpjes. Zo is de geboorte van een kalfje bijna live te volgen. Geïnteresseerden kunnen zich op de site inschrijven om op bezoek te komen. Beroepsbetrokkenen kunnen met elkaar communiceren in de discussiepodia op de site van de Eemlandhoeve. Die discussie kan gaan over milieuproblematiek of plattelandsvernieuwing in de zogenaamde opkamer, maar ook over religieuze zaken in de kapel.

Op de homepage van de website is het gezin van Jan Huigen te zien. Door op één van de gezinsleden te clicken is het mogelijk om met hem of haar een rondleiding over de boerderij te maken.

Groene Welle wordt nog groener

Bomen van zes tot tien meter hoog en drie decimeter dik voor een splinternieuwe school zie je niet zo vaak. In Zwolle wel.

Rond 12 maart zijn daar dankzij sponsorende bedrijven zes essen, een esdoorn, een moseik, een schijnbeuk, een moerascypres en een zwarte berk met elk een gewicht van elk rond de twee ton op hun plaats gehesen. De langste boom is zonder wortels en takken horizontaal voor de school terecht gekomen: een houtsculptuur van wereldkampioen motorzagen John van Kampen. Hij heeft in de acht meter lange boom verschillende waterdieren uitgesneden.

Cursisten van de Groene Welle die worden opgeleid tot boomverzorger, zullen er onder leiding van coördinator Harry ten Have voor zorgen dat de verticale exemplaren een gezonde toekomst tegemoet gaan

Plaatsing van het kunstwerk dat door wereldkampioen motorzagen John van Kampen werd gemaakt

Foto: De Groene Welle

DWK-beleidsambtenaar Geerligs naar Stoas Onderzoek

Met ingang van 1 april 1999 stapt dr.ir. Jos Geerligs over van de directie Wetenschap en Kennisoverdracht naar Stoas Onderzoek. Geerligs ontwikkelde in zijn functie van inspecteur bij de toenmalige directie Landbouwonderwijs de kwalificatiestructuur voor het mao. Onlangs promoveerde hij op dit onderwerp op de Universiteit Twente. Geerligs gaat bij Stoas Onderzoek aan de slag als senior-onderzoeker.

Foto: Pieter Boetzkes

Lexin en Cito tekenen contract

Op 3 maart 1999 ondertekenden vertegenwoordigers van Cito en Lexin (ook Lobas) een samenwerkingsovereenkomst die tot doel heeft een zo goed mogelijk examensysteem te ontwikkelen. Met de ondertekening werd de wens bekrachtigd de positie van zowel Lexin als Cito in het agrarisch onderwijs te versterken.

Lexin en Cito maakten al eerder afspraken over ondersteuning door het Cito bij het ontwikkelen van hulpmiddelen voor externe legitimering van de agrarische opleidingen.

De uitbreiding van de nieuwe afspraken spitst zich dus toe op het exemensysteem. Dit moet (1) dienen als standaard voor het agrarisch onderwijs, (2) voldoen aan hoge inhoudelijke en toetstechnische kwaliteitseisen, (3) erkenning krijgt van de bedrijfstak, (4) betaalbaar is voor de onderwijsinstellingen, (5) voor langere tijd te gebruiken is.

Uitgangspunt hierbij is vernieuwen en inspelen op veranderingen. Lexin en Cito willen beide in de toekomst nog efficiënter tegemoet komen aan de behoeften van afzonderlijke onderwijsinstellingen.

Hogeschool Delft gaat niet vreemd

Het bestuur van de (agrarische) Hogeschool Delft heeft begin deze maand besloten 'geen vervolg te geven aan het onderzoek om te komen tot een mogelijke besturenfusie met de TH Rijswijk'. Als reden wordt aangegeven dat er 'verschillen in ambities' zijn ten aanzien van de realisatie van regionale samenwerking en nieuwbouw op het terrein van de Technische Universiteit Delft.

Het bestuur liet via een persbericht weten dat het niet doorgaan van de beoogde besturenfusie geen gevolgen heeft voor de strategie van de Agrarische Hogeschool Delft. Zo wordt het samenwerkingstraject dat er nu is met de TH Rijswijk om te komen tot een gezamenlijke post-hbo-opleiding Topjaar Management vervolgd, worden andere samenwerkingsprojecten met het overig hbo in de regio voortgezet, wordt het beleid dat is ingezet om op het TUD-terrein te bouwen voortgezet en wil de Hogeschool Delft zich blijven profileren als kenniscentrum voor de natuurlijke omgeving, land- en tuinbouw, voeding en management in de regio.

Agrarisch opleidingsbedrijf 1998

Op 8 april a.s. zal ex-landbouwminister ir. G.J.M. Braks (nu onder meer voorzitter ad interim van de BVE-Raad) bekend maken welk bedrijf de titel van Agrarisch Opleidingsbedrijf 1998 krijgt.

In november 1998 werd een begin gemaakt met de selectieprocedure. Lobas heeft daarin een belangrijke taak.

In de verschillende jury's zitten vertegenwoordigers van werkgevers, werknemers en onderwijs. De aspecten waarop zij de bedrijven beoordelen zijn kwalitatief van aard. Er wordt gekeken naar het opleidingsklimaat, de arbeidsomstandigheden, planmatigheid van opleiden, de begeleiding door de praktijkopleider en de betrokkenheid van het bedrijf bij het onderwijs.

Lobas kent zes sectoren (bloemenbranche, dierverzorging, groene ruimte, plantenteelt, veehouderij en voedingsindustrie). Voor elke sector zijn een of meerdere bedrijven voorgedragen voornamelijk door scholen.

Per sector heeft de selectiecommissie een eerste selectie gemaakt en deze bedrijven bezocht. De totaalrapportage is aan de sectorale jury voorgelegd. Iedere winnaar is genomineerd voor het Agrarisch Opleidingsbedrijf 1998. Uit de genomineerden kiest uiteindelijk de landelijke jury het beste opleidingsbedrijf.

In totaal zijn er twaalf bedrijven genomineerd: 2 Bloemenbranche, 1 Dierverzorging, 3 Groen Ruimte, 2 Plantenteelt, 3 Veehouderij en 1 Voedingsindustrie.

Begin maart verscheen de gedrukte versie van het Centraal Register Beroepsopleidingen in de agrarische sector voor het cursusjaar 1999 - 2000.

De inhoud van het CREBO bestaat uit een overzicht van de mbo-opleidingen agrarisch beroepsonderwijs, de instellingen die deze opleidingen in het komend schooljaar mogen verzorgen en de exameninstellingen die de deelkwalificaties mogen legitimeren.

CREBO 1999 - 2000 verschenen

Begin maart verscheen de gedrukte versie van het Centraal Register Beroepsopleidingen in de agrarische sector voor het cursusjaar 1999 - 2000.

De inhoud van het CREBO bestaat uit een overzicht van de mbo-opleidingen agrarisch beroepsonderwijs, de instellingen die deze opleidingen in het komend schooljaar mogen verzorgen en de exameninstellingen die de deelkwalificaties mogen legitimeren.

Hoog bezoek in Dronten

Op 2 maart jl. was mevrouw Geke Faber, staatssecretaris van LNV, enkele uren op bezoek bij de Agrarische Pedagogische Hogeschool van Stoas in Dronten.
De helft van haar kostbare tijd besteedde ze aan gesprekken met studenten, zowel in Dronten als in 'filiaal' Den Bosch. In het nieuwe Open Leercentrum, dat op beide locaties recentelijk is ingericht, was er direct contact met de staatssecretaris door middel van videoconferencing.

Hoofdonderwerpen van gesprek waren de toekomst van het agrarisch onderwijs en de agrarische sector in het algemeen. De staatssecretaris bleek in he bijzonder belang te stellen in de integratie van milieuaspecten in het curriculum en het project Biologische Landbouw (Biola). Binnen het hele agrarisch onderwijs wordt op dit moment hard aan implementatietrajecten van Biola gewerkt.

Staatssecretaris Faber (3e van rechts) 'live' in gesprek met APH-studenten in Dronten en Den Bosch

Foto: Stoas

Communicatiegids Veldorganisatie II

De 'Communicatiegids Veldorganisatie', een productie van het Algemeen Pedagogisch Studiecentrum (APS), is aangepast en geactualiseerd. De gids is bestemd voor alle bij de veldorganisatie van het agrarisch onderwijs betrokken organisaties.

De inhoud is over tien hoofdstukken verdeeld: algemeen, kerngroepen, schoolleiding, ipc's, stuurgroep veldorganisatie, 1e fase, 2e fase, 3e fase, 'andere organisaties' als AOC-raad, Lobas, Cito, SLO, Stoas en VPL en 'diversen'. In vergelijking met de vorige editie bevat de gids meer foto's en meer e-mailadressen.

Wie vragen heeft, informatie wil ontvangen of wijzigingen wil doorgeven, kan contact opnemen met de coördinator Veldorganisatie, Dimph Rubbens (APS), tel. 030 2856638/607, fax 030 2856777 of e-mail: d.rubbens@aps.nl.

Voorstel diplomabekostiging mbo in Tweede Kamer

Minister Hermans van OCenW heeft op 26 februari het wetsvoorstel voor de nieuwe bekostigingssystematiek in het mbo naar de Tweede Kamer gestuurd. Deze bekostiging zou op 1 januari 2000 moeten ingaan.

Volgens het wetsvoorstel krijgen roc's - en dus ook de mbo-afdelingen van aoc's - in het nieuwe millennium geld voor het verzorgen van beroepsonderwijs op basis van het aantal gediplomeerden en het aantal deelnemers. De verdeling van het budget is voor 20 procent gekoppeld aan het aantal behaalde diploma's en voor 80 procent aan het aantal deelnemers. Tot nu toe werden mbo-scholen alleen op deelnemersaantallen bekostigd.

Het wetsvoorstel maakt ook een einde aan de tijdelijke regeling voor de bekostiging van de landelijke organen voor het beroepsonderwijs. Het budget voor deze organisaties wordt per 1 januari 2000 verdeeld aan de hand van het aantal vastgestelde opleidingen, het aantal beroepspraktijkvormingsplaatsen en het aantal opleidingsbedrijven.

Personeelsproblemen in de tuinbouw

Tuinders kunnen moeilijk aan personeel komen. Het is vooral ook lastig om ongeschoolde krachten te vinden. Dat blijkt uit het onderzoek 'Werkgelegenheid en arbeidsmarkt in de tuinbouw', verricht in opdracht van het Productschap Tuinbouw.

Niet alleen witte illegalen en illegaal verklaarde uitgeprocedeerde asielzoekers, maar ook 'inheemsen' met een uitkering zijn steeds moeilijker inzetbaar voor boom- en champignonkwekers en (glas)groente- en bollentelers. Overijverige met weinig genoegen nemende illegalen aan het werk zetten is illegaal, terwijl veel 'inheemsen' zich liever niet verhuren voor 20 procent extra op hun uitkering.

Meer dan zestig op de honderd tuinders menen dat ze moeilijk personeel kunnen vinden vanwege het slechte imago van de sector. Gezien de aard en duur van de werkzaamheden zal het niet eenvoudig zijn dit imago veel glans te geven.

Internationale conferentie landbouwuniversiteiten

Het Global Consortium of Agricultural Universities organiseert op 22 en 23 juli 1999 in Hilton Amsterdam een internationale conferentie over 'Leadership in Higher Education in Agriculture'.

Het consortium is in 1998 in Kiev (Oekraïne) opgericht. Het is een club van 'leiders' van landbouwuniversiteiten uit meer dan 20 landen. De stichters van het consortium denken dat het wereldvoedsel- en het wereldmilieuprobleem een gezamenlijke, gecoördineerde en breed gedragen aanpak behoeft van experts op het gebied van landbouw, milieu en onderwijs.

Op de agenda van de eerste wereldconferentie van het consortium in Amsterdam staan:

Meer informatie over het Global Consortium of Agricultural Universities en de conferentie in Amsterdam kunt u vinden op Internet: www.ag.iastate.edu/international/

Reorganisatie Larenstein in fase 1

De agrarische hogeschool Larenstein is al enige tijd bezig met een reorganisatie, maar het College van Bestuur had het formatieplan eind januari nog niet rond. Toch hebben de bonden 'om wat schot in de zaak te krijgen' alvast met fase 1 ingestemd.

In deze fase wordt nog niemand gedwongen ontslagen, terwijl personeelsleden (op eigen verzoek) Larenstein onder redelijk gunstige voorwaarden kunnen verlaten, tenzij ze bij Larenstein een vacature achterlaten die alleen extern te vervullen is. In de vertrekvoorwaarden is geregeld dat ieder personeelslid onafhankelijk van de schaal per dienstjaar bij Larenstein of zijn rechtsvoorganger 6 procent van zijn laatste jaarsalaris meekrijgt. Verder worden er bij- en omscholingsmogelijkheden aangeboden.

Als er gedurende fase 1 onvoldoende mensen vertrekken, kan vanaf 1 januari 2000 fase 2 ingaan. Ook daarvoor moet het CvB eerst instemming van de bonden hebben. Zonder een duidelijk formatieplan gaan die zeker niet akkoord. Of er in fase 2 gedwongen ontslagen moeten vallen, hangt ook af van de inzet van de 'contractpoot' Larenstein Transfer. (Bron: Larenstein Nieuws nr. 3 van 11 februari 1999)

ICT in beroepsonderwijs stagneert

Uit een onderzoek van OCTO (onderzoeksiinstituut van de Universiteit van Twente) blijkt dat nog steeds niet meer dan 31 procent van de leraren in het voortgezet onderwijs bij het lesgeven gebruik maakt van de computer. In het basisonderwijs ligt het percentage aanmerkelijk hoger: op 93 procent. Het tekort aan kennis en vaardigheden van leraren wordt als grootste knelpunt gezien voor de verdere invoering van ICT in het onderwijs. Leerlingen beschikken vaak over meer kennis.

Over de bve-sector meldt OCTO dat de gevonden resultaten in de ICT-monitor niet representatief zijn. Ze geven niet meer dan een impressie van het computergebruik. Knelpunten voor verdere invoering van ICT in het beroepsonderwijs blijken dan vooral het gebrek aan geschikte programmatuur en het tekort aan kennis en vaardigheden van leraren. Op bijna alle instellingen is een netwerk aanwezig met toegang tot Internet.

Nieuwe cursussen ketengerichte melkproductie

Het project 'Ketengerichte Melkproductie' heeft cursussen en cursusboeken opgeleverd. Theo Koolen, voorzitter van de stuurgroep, overhandigde in februari in Barneveld de cursusboeken aan M. Sol, voorzitter van de Stichting Keten Kwaliteit Melk (KKM).

Koolen constateerde daarbij dat de consument hogere eisen aan producten stelt en vaker een 'oorsprong-garantie' eist. "Het gaat niet meer alleen om kwantiteit en visuele aspecten, maar vooral ook om de intrinsieke waarde van het product. De samenstelling, de omgeving waarin het product tot stand komt, het welzijn van dieren, de zorg waarmee geproduceerd is en het produceren binnen natuurlijke biologische processen zonder externe invloeden. Al die zaken zijn doorslaggevend."

Voor het project doorslaggevend waren enerzijds de activiteiten van de stichting KKM die het project 'Kwaliteitszorg op het melkveebedrijf' van start liet gaan en anderzijds de inspanningen van Koolens' Helicon Opleidingen, IPC Dier, AOC Friesland, PR Lelystad, Gezondheidsdienst voor Dieren, NCB/GLTO en DLV Boxtel/Sneek. Die inspanningen hebben geleid tot de ontwikkeling van een modulair cursusprogramma voor ondernemers en werknemers in de melkveehouderij. Het pakket bestaat uit de algemene cursus 'Van consument tot koe' en drie vaktechnische cursussen: 'Voer en water, zuivere zaak', 'Gezonde dieren, veilig voedsel' en 'Melkwinning, reiniging en bedrijfshygiëne'.

In workshops konden aoc- en ipc-docenten van de cursussen kennis nemen. Koolen: "De onderwijsinstellingen zijn nu klaar om samen met de andere kennisinstellingen zoals DLV, Gezondheidsdienst en PR Lelystad, de ondernemers in hun regio te helpen inhoud te geven aan het kwaliteitsborgingssysteem op het bedrijf."

Sol sprak zijn waardering uit voor het materiaal, maar bezwoer de aanwezige onderwijsvertegenwoordigers dat ze niet de indruk mochten wekken dat het cursusprogramma verplichte stof is voor ondernemers om de KKM-erkenning voor hun bedrijf binnen te halen. Waar het volgens hem wel om ging: "De deskundigheid van allen die op de boerderij komen, dient opgevoerd te worden. Dat geldt van veearts tot melkmachinehandelaar. En de mogelijkheid van permanente bijscholing, zoals met de nieuwe cursussen, is inderdaad nodig om de vakbekwaamheid van melkveehouders op peil te kunnen houden."

Proefschriftenbank Wageningen

Van alle Wageningse proefschriften vanaf de oprichting van de Landbouwhogeschool in 1918 (meer dan 2.500) is nu een samenvatting te vinden in de Wageningen Dissertation Abstract-databank op Internet: www.agralin.nl/wda.

Op het gebied van de internationale promoties, vorig jaar 28, is Wageningen van de universiteiten in Nederland koploper met ruim 15 procent van het totale aantal promoties. Van de 670 Nederlandse proefschriften die tussen 1988 en 1997 op het gebied van ontwikkelingssamenwerking zijn verschenen, neemt Wageningen ongeveer een derde (224) voor haar rekening (UvA is tweede met 90 en RUL derde met 78 dissertaties). De databank is doorzoekbaar op naam, titelwoorden, trefwoorden en de naam van promotor of co-promotor.

Prof.dr. A. van Kammen (emeritus-hoogleraar moleculaire biologie) heeft tot nu toe de meeste promovendi afgeleverd: 61. Goede tweede is prof.dr. J.G.A.J. Hautvast (hoogleraar voeding en gezondheid) met 60 scalps achter zijn naam.

Het aantal promoties aan Nederlandse universiteiten is met sprongen gestegen sinds de invoering van de Assistent-in-Opleiding (AIO) in 1986 en de oprichting van onderzoekscholen (vanaf 1992). Aan de Landbouwuniversiteit Wageningen is een ruime verdriedubbeling van het aantal promoties in tien jaar tijd (van gemiddeld 51 in de periode '83-'87 tot 159 in de periode '93-'97). De stroomversnelling in het aantal promoties is ook duidelijk zichtbaar in de 'promotie-mijlpalen'. De eerste Wageningse promotie vond plaats in 1920, de 100ste in 1937, de 250ste in 1958, de 500ste in 1971, de 1000ste in 1984, de 2000ste in 1995 en de 2500ste in 1998. In de afgelopen drie jaar zijn in Wageningen meer dissertaties geproduceerd dan in de eerste vijftig jaar.

Bestuursvoorzitter AOC Midden-Nederland neemt afscheid

Hoewel zijn titel en achternaam u misschien op het verkeerde been zetten: Jonkheer J.W. Steengracht van Oostcapelle was een man met vele petten, meer dan 25 jaar lang. Op 5 maart nam hij op de vestiging Houten van AOC Midden-Nederland afscheid. Hij deed dat als voorzitter van het bestuur van dit AOC.

 

Jonkheer J.W. Steengracht van Oostcapelle

 

 

 

 

'Houten' over de man die in meerdere fusies een rol speelde: "Het agrarisch onderwijs in de provincie Utrecht is de heer Steengracht veel dank verschuldigd. Vanuit zijn vele maatschappelijke functies, waaronder het voorzitterschap van het Utrechts Landbouw Genootschap (ULG) en zijn lidmaatschap van de Provinciale Staten van de Provincie Utrecht, bleek hij uitstekend in staat zijn brede kennis van zaken en zijn netwerk ten dienste te stellen van het agrarisch onderwijs. Als bestuurder had hij oog voor de grote lijnen en richtte hij zijn blik op de toekomst. Toch was hij beslist geen 'ivoren-toren-bestuurder'. Ook leerlingen konden op zijn warme aandacht rekenen. Zo genoot hij ten volle van een ludieke inbreng van leerlingen bij diploma-uitreikingen."

"De bestuurlijke fusie tussen de vier aoc's in het midden en westen van het land te helpen realiseren, vormde de afsluiting van zijn carrière in het agrarisch onderwijs. Daarbij wist hij zijn gezag als nestor van het gezelschap daar waar dat nodig was op gepaste wijze in te zetten. De heer Steengracht vond het moment van deze laatste fusie een geschikt moment om, gezien zijn leeftijd, afscheid van het agrarisch onderwijs te nemen. Het agrarisch onderwijs verliest in hem een markant bestuurder."

Leerlingen Enschede winnen wedstrijd tuinaanleg

Het team van AOC Twente uit Enschede (Tino Reijerink en Roy Wichers Schreur) heeft tijdens de Nationale Beroepenwedstrijd Tuinaanleg de eerste prijs gehaald. Een deskundige jury gaf hen donderdag 25 februari het hoogste aantal punten van de vier deelnemende teams.

 

 

 

 

 

De deelnemers aan de beroepenwedstrijd tuinaanleg met (rechts) het winnende team van AOC Twente

Foto: VHG

De nationale beroepenwedstrijd, georganiseerd door de Vereniging van Hoveniers en Groenvoorzieners (VHG) en Lobas, vond plaats tijdens Tuinidee '99, een consumentenbeurs van 25 tot en met 28 februari in de Brabanthallen in Den Bosch. De acht aankomend hoveniers hadden drie dagen om een tuin van 48 m2 aan te leggen. Ze deden dat op basis van een ontwerptekening die ze vóór de wedstrijd ontvingen. De deelnemers, naast het team uit Enschede ook leerlingen van AOC Groene Delta (Oegstgeest), Helicon Opleidingen (Nijmegen) en AOC West-Brabant (Breda), hadden zich geplaatst tijdens regionale voorronden, eind januari. Tijdens de finale in Den Bosch lette de jury o p techniek, aanleg, beplanting en afwerking.

Tino en Roy mogen nu deelnemen aan de Internationale Beroepenolympiade die van 10 tot 13 november 1999 in Montreal (Canada) gehouden wordt. Het is dan voor de eerste keer dat het onderdeel tuinaanleg als wedstrijdberoep is vertegenwoordigd.

Krenten en klontjes uit CAO Onderwijs

Als de handtekening van minister Hermans waarde- en waarheidsvaster is dan die van zijn collega Peper, dan wordt er niet gestaakt en is er nu echt een akkoord over de CAO voor het onderwijs tot en met schrikkeldag 2000. Met loonsverhoging van 2,5 en een eenmalige oudejaarsuitkering van 0,6 procent in 1999.

Maar er is nog meer. De krenten en klontjes:

Terug naar archief nieuws