Nieuwsberichten groen onderwijs maart 2001

Engels college bezoekt Hollandse collega's

Onderwijsdeelname 2000/2001

Beroepenwedstrijd tuinaanleg

Stadsroc's in het groen

Toekomst groen onderwijs

Bollenacademie

HAO actualiseert imago

Project Examinering MBO Groen

Morgen is het geschiedenis

Kritische vmbo-docenten biologie gevraagd

Maatregelen om Mond en klauwzeer te voorkomen

Informatiebijeenkomst landbouwbreed

Veldbiologische dagen 2001

Leergangen EVC-groen van start

500-ste heftruck-getuigschrift

Uitbraak mond en klauwzeer

Pilot examinering mbo van start

Opleidingsbedrijf van het jaar

Vele bomen één bos

Innovatienetwerk groene ruimte en agrocluster

Afstandsonderwijs vanwege mond- en klauwzeer crisis

Leer-werk trajecten vmbo

Twijfel over bedrijfsovername

AOC West-Brabant oki-oké

Kwaliteitseisen leraarsberoep

 

Engels college bezoekt Hollandse collega's

Acht docenten van het Engelse Reaseheath College - docenten levensmiddelentechnologie, dierverzorging, groenbeheer en veehouderij - kwamen zich eind februari op de hoogte stellen van de ontwikkelingen in het Nederlandse bedrijfsleven en bij hun collega-colleges.

Ze begonnen hun Hollandse tournee op het Groenhorst College mbo Voeding & Milieu te Ede. Het Groenhorst College heeft een jarenlange band met het Engelse college uit Nantwich (bij Manchester) op het gebied van stages en excursies. Tot nu toe liepen de Nederlandse leerlingen vooral stage in Engeland, maar nu wil Reaseheath College zijn leerlingen ook in Nederland stage laten lopen.

De Engelse delegatie brengt onder andere bezoeken aan de locatie mbo Barneveld van het Groenhorst College, aan IPC Groene Ruimte in Schaarsbergen, het NIZO in Ede en aan de vestiging Alkmaar van het Clusius College.

Docenten van het Engelse Reaseheath College op bezoek bij het AOC Groenhorst. Nederlandse leerlingen lopen al jaren stage in Engeland. In de toekomst zullen Engelse leerlingen ook vaker in Nederland stage komen lopen

Onderwijsdeelname 2000/2001

 Uit een overzicht van OC&W blijkt dat het aantal onderdeelnemers dit jaar in alle sectoren hoger is dan vorig jaar. Een aantal opvallende zaken uit dit overzicht, waarin de aantallen nog voorlopig zijn en de scholieren in studenten in het agrarisch onderwijs niét zijn meegeteld: 

De sterkste leerlinggroei heeft plaatsgevonden in het mbo, maar alleen in de BBL en de deeltijdopleidingen. In de telling van het hbo zijn voltijd en duaal samengevoegd, zodat niet af te lezen valt of de groei daar in de voltijds- of de duale opleidingen plaatsvindt. Wel zijn de hbo-deeltijdopleidingen opnieuw stevig gegroeid. Het lijkt erop dat de deeltijd- en de BBL-opleidingen geleidelijk terrein winnen ten koste van de voltijdsopleidingen in mbo en hbo.

Hoe het dit jaar met de deelname in het groene onderwijs is gesteld, is te zien aan onderstaand overzichtje, waarin de deelnemersaantallen per teldatum 1/10/1999 naast die van 1/10/2000 zijn gezet. Ook deze cijfers zijn, zo vermeldt DWK met nadruk, nog voorlopig. Omdat geen onderscheid is gemaakt tussen voltijds- en deeltijdopleidingen, valt niet te concluderen of de trend bij OC&W bij LNV wordt gevolgd.

 

1/10/1999

1/10/2000

MBO BOL

16.418

15.934

MBO BBL

8.109

7.952

HAO

8.540

8.307

WUR

3.740

3.700

Voor de aantallen nieuwe aanmeldingen voor de groene mbo-opleidingen geldt dat de trend van het vorig jaar doorzet. Sterkste stijgers zijn dierverzorging en paardenhouderij; sterkste dalers veehouderij en bloemschikken/-binden. In onderstaande tabel zijn de cijfers ingedeeld naar afdeling. Ook van deze cijfers geldt dat de ze nog als voorlopig moeten worden beschouwd.

 Aantallen nieuwe onderwijsvragenden van 1998/1999 tot 2000/2001

 

 

    98/99

    99/00

    00/01

Biol.dyn.

BBL

    6

    65

    30

 

BOL

    36

34

    32

Bloemsch.

BBL

    721

    718

552

 

BOL

    776

    826

    610

Dierverz.

BBL

    162

    171

212

 

BOL

    526

    962

    1295

Gr. Ruimte

BBL

    1705

1678

1684

 

BOL

    1397

    1310

    1195

Levensm.techn.

BBL

289

225

    213

 

BOL

    256

231

181

Milieutoezicht

BOL

189

165

    123

Paardenhouderij

BBL

124

    148

    188

 

BOL

    221

    375

    674

Plantenteelt

    BBL

    607

520

576

 

    BOL

673

749

628

Veehouderij

    BBL

    121

164

    87

 

    BOL

    1450

    1129

794

Totaal 

    BOL

    3735

    3698

    3542

Totaal

    BBL

    5524

    5781

    5532

Totaal

 

    9259

    9479

9074

Beroepenwedstrijd tuinaanleg

 Tijdens de tuinbeurs Tuinidee 2001, van 28 februari t/m 4 maart in de Brabanthallen in 's-Hertogenbosch, is de nationale beroepenwedstrijd tuinaanleg uitgevochten tussen de vier teams die zich in de regionale voorronden hadden onderscheiden: Jop Koster en Johan Peters (Wellantcollege, Houten), Jeroen Berkelmans en Eric Scheer (AOC Oost, Enschede), Joost Ottink en Leo Veenstra (AOC Terra, Frederiksoord) en Gerard van Gessel en Henri Methorst (Groenhorst College, Velp).

De teams moesten identieke tuinen van 7 x 7 m aanleggen, met diverse tuinelementen, op basis van een tuinontwerp dat ze van tevoren niet hadden gezien. En dat alles onder een flinke tijdsdruk, gadegeslagen door de bezoekers van Tuinidee 2001, gekeurd door voortdurend aanwezige juryleden én natuurlijk aangemoedigd door docenten en medeleerlingen.

Donderdagavond 1 maart werden de winnaars van de wedstrijd tuinaanleg bekendgemaakt. Het was het team uit Velp van het Groenhorst College: Gerard van Gessel en Henri Methorst. Zij behaalden 79,26 van de 100 punten en zullen in september Nederland vertegenwoordigen in Seoul, Zuid-Korea, tijdens de internationale beroepenolympiade. Jop Koster en Johan Peters uit Houten behaalden de tweede plaats. Derde en vierde werden achtereenvolgens Jeroen Berkelmans en Eric Scheer uit Enschede en Gerald Tijms en Leo Veenstra uit Frederiksoord.

Gerard van Gessen en Henri Methorst, Groenhorst College Velp, in actie. Zij werden de winnaars van de nationale beroepenwedstrijd tuinaanleg en gaan in september naar Seoul.

Stadsroc's in het groen

Het zat er dik in dat de uitlatingen van CDA Eerste Kamer-lid Henk Hofstede bij LTO-Groeiservice in Bleiswijk, herhaald in het Vakblad voor de Bloemisterij, niet ongemerkt zouden passeren. Hofstede betoogde namelijk tot zijn LTO-gehoor dat het tekort aan personeel in de agrarische sector opgelost zou kunnen worden door de roc's in de grote steden groen onderwijs te laten verzorgen. Nieuwe leerlingen zouden zich vast in veel groteren getale aanmelden voor het groene onderwijs. Waarom? Omdat ze dan niet zover zouden hoeven fietsen als ze nu moesten doen om het dichtstbijzijnde aoc te bereiken. "Een stadsmeid of -jongen fietst niet enkele kilometers om in Dordrecht of Boskoop een agrarische opleiding te volgen. Koppeling van agrarische opleidingen aan roc's zou het probleem van het personeelstekort in de agrarische sector kunnen verkleinen," aldus het hulpvaardige Eerste Kamer-lid.

Natuurlijk werd hierop op meerdere plekken in het groene onderwijs gereageerd. Eén van de reacties is afkomstig van Willem Keur, voorzitter bestuur stichting `Wellant'. In een schrijven van 7 februari legt hij Hofstede nog maar eens geduldig uit dat de personeelsproblematiek in de tuinbouwsector te maken heeft met de onaantrekkelijkheid van werken in de sector voor jongeren, niet met een vervoersprobleem. Vervolgens nodigt hij het kamerlid uit voor een bespreking op één van de randstedelijke vestigingen van het Wellantcollege, om gezamenlijk de mogelijkheid van intensievere samenwerking tussen aoc's en roc's te bespreken. "Ik ga ervan uit dat u, lid van de Raad van Toezicht van het ROC te Amsterdam, op mijn uitnodiging zult ingaan."

Inmiddels heeft Henk Hofstede telefonisch op de uitnodiging van bestuursvoorzitter Keur gereageerd. Op 14 maart vindt tussen beide heren een ontmoeting plaats waarin ze elkaar ongetwijfeld hun uiteenlopende standpunten nader zullen toelichten.

 

Toekomst groen onderwijs

De vraag of het groene onderwijs onder LNV moet blijven ressorteren óf dat het efficiënter of beter is het toe te voegen aan het overige bve-veld onder OC&W, houdt de gemoederen in het groene onderwijs en ook minister Brinkhorst al enige tijd bezig - al heeft deze zich tot nu toe vooral over de inhoud van het onderwijs uitgelaten en (nog) niet over de structuur. Toch zal deze vraag vroeg of laat beantwoord moeten worden.

De AOC raad wacht dat moment niet af, maar heeft een werkgroep gevormd van 5 voorzitters van colleges van bestuur van aoc's. Het zijn de heren Van Dijk (Groenhorst College), Hoeks (Helicon Opleidingen), Jansen (AOC Limburg) en Schilt (AOC Terra) en mevrouw Pouw (Wellantcollege), die zich samen met de voorzitter en de directeur van de AOC raad, de heren Den Ouden en Kooijman, en met AOC raad-medewerkster Wilma Bredewold over deze vraag gaan buigen: binnen welke structuur en onder welke voorwaarden worden de belangen en waarden van het aoc-onderwijs optimaal behartigd?

Eind maart zal deze werkgroep haar bevindingen voorleggen aan de Algemene Vergadering van de AOC raad.

 

Bollenacademie

Op de Westfriese Flora in Bovenkarspel werd op 19 februari de Bollenacademie officieel geopend. De bollenacademie is een virtuele onderwijsinstelling die in het leven werd geroepen door een samenwerkingsverband tussen zeven organisaties in de bloembollensector en acht groene onderwijsinstellingen, te weten de aoc's Friesland, Limburg, Clusius, Wellant, Groenhorst en Terra, IPC Plant Dier en de HAS Den Bosch.

Twee jaar geleden werd op de jaarlijkse onderwijsdag van de KAVB, de werkgeversorganisatie in de bollenteelt, een aantal problemen geconstateerd in de bloembollensector: er waren onvoldoende geschoolde bedrijfsopvolgers en medewerkers, het onderwijsaanbod was te versnipperd, de scholingsvraag te klein en de beeldvorming niet al te positief. Daarop besloten vertegenwoordigers vanuit de sector en scholen met bollenteelt in het aanbod de handen in een te slaan en tot actie over te gaan. Die samenwerking heeft geresulteerd in een flink aantal activiteiten om de situatie te verbeteren. Zo zijn er inmiddels twee brochures uitgebracht met het gezamenlijke scholingsaanbod voor de bloembollensector, nadat dit aanbod zowel inhoudelijk als financieel onderling was afgestemd. Ook vond in oktober 2000 een landelijke bollenteeltdag plaats voor leerlingen van aoc's.

En nu is dan ook de Bollenacademie officieel van start gegaan. Aad Vollebregt, directeur BVE raad en tot voor kort directeur van de KAVB, onthulde op 19 februari op de Westfriese Flora het logo van de Academie en gaf daarmee officieel het startschot.

Het nieuwe logo van de Bollenacademie

HAO actualiseert imago

Aarde, plantenveredeling, telen, landschapsinrichting, internationaal, voeding, paarden. Tien maanden geleden gaven deze trefwoorden in studiekeuzetests nog geen verwijzing naar opleidingen uit het hao. Nu gelukkig wel. Namens de gezamenlijke groene hogescholen heeft projectmedewerker Sandra Verwaal namelijk de studiekeuze-informatie op cd-roms, op internet, in tijdschriften, naslagwerken en lesmethoden geact ualiseerd. Beroepen als boswachter, landbouwer en veefokker hebben hun langste tijd gehad en geven potentiële hao-studenten een eenzijdig en onjuist beeld van de opleidingsmogelijkheden in het hao. Daarom werden ze vervangen door landschapsarchitect, voedin gsmiddelentechnoloog, landbouwvoorlichter, projectleider hogesnelheidslijn, bedrijvenadviseur en dergelijke. \par Op donderdag 15 februari presenteerde Verwaal de resultaten van het project \lquote herziening studiekeuzemedia\rquote aan een gezelschap van redactieleden van studiekeuzemedia, directieleden, hao-voorlichters en schooldecanen. Met deze bijeenkomst, afgesloten met een gezamenlijke lunch en een wandeling door de tuinen van Larenstein, werd het project studiekeuzemedia officieel afgerond. \par Op de cd-rom Wiosis en de website http://www.schoolweb.nl, in Elsevie's beroepenalmanak en de nieuwe gids voor school en beroep is de trefwoordinformatie nu volledig up to date. Jammer genoeg lukte dat voor de website www.toekomst.nl niet vanwege de oncoöperatieve instelling van de redactie.

In het kader van het project is tevens een trefwoordenbrochure samengesteld. Hiermee kunnen redacties van studiekeuzemedia hun informatie zelf actueel houden. Deze brochure kan worden opgevraagd via tel. 026 3695769 of e-mail s.verwaal@larenstein.nl.

Project Examinering MBO Groen

Om de kwaliteit van de examens in het groene mbo te verbeteren, wil het ministerie van LNV drie miljoen gulden vrijmaken, verspreid over drie jaar. Voorwaarden die aan die financiële bijdrage worden gesteld, zijn dat er onderling goede afspraken worden gemaakt over de nieuw te ontwikkelen examensystematiek, dat die geldt voor de gehele KS 2000+ en dat er onder de aoc's een breed draagvlak voor komt.

In nauw overleg met extern legitimeerder Lexin denkt de AOC raad momenteel na over een nieuwe toetsingssystematiek. Om te beginnen wil de raad ijkpunten laten opstellen, vertelt Petra Kanters van de AOC raad, die aan de toetsing van deelkwalificaties te stellen zijn. Hiermee wordt richting gegeven aan de manier waarop per deelkwalificatie de eindtoetsing - zo mogelijk geïntegreerd - plaatsvindt. De raad denkt niet aan centrale, landelijke toetsing, maar wil de eindverantwoordelijkheid aan de aoc's zelf overlaten.

Nu de financiering is toegezegd, kan het project examinering mbo-groen van start gaan. Petra Kanters: "We gaan sowieso beginnen met een pilot in het kader van de implementatie KS 2000+ en met impuls-gelden. Voor tien deelkwalificaties laten we ijkpunten ontwikkelen die we dit voorjaar aan de aoc's willen voorleggen. Enkele aoc's wordt vervolgens gevraagd op basis van die ijkpunten aan de slag te gaan met het ontwikkelen van toetsen. Tegen de zomer wordt duidelijk of de systematiek voor alle partijen werkbaar is. Dan is ook duidelijk wat de koers van de BVE raad wordt ten aanzien van de examinering. Op dit moment lijkt men daar ook niet zoveel te voelen voor landelijk verplichte eindtoetsen, maar meer in dezelfde richting te denken als wij nu doen".

De komende weken worden groepjes docenten ingezet om voor de tien deelkwalificaties ijkpunten op te stellen. Vervolgens moeten deze ijkpunten door waarborg-commissies uit onderwijs en bedrijfsleven worden getoetst en vastgesteld. Op die manier streeft de raad naar draagvlak in bedrijfsleven en onderwijs. Lexin zal in de pilot een ondersteunende rol spelen.

Morgen is het geschiedenis

Het Ontwikkelcentrum bereidt zich voor op het onderwijs van de toekomst. Tijdens het congres Morgen is het geschiedenis, dat het Ontwikkelcentrum donderdagmiddag 22 februari in het Museon in Den Haag organiseerde, schetste directeur Wim Drost een beeld van het toekomstige leren en publiceren. In de visie van zijn organisatie zal er een verschuiving plaatsvinden van klassikaal onderwijs met boeken naar andere vormen van onderwijs in of buiten de school. En er komen nieuwe leermiddelen. Naast lesboeken en cd-roms zal het onderwijs in toenemende mate gebruik maken van een elektronische leeromgeving.

De ruim 60 bezoekers, vertegenwoordigers van aoc's, ontwikkelaars en educatieve uitgevers, werd gevraagd te reageren op stellingen. Het merendeel was het eens met de stellingen dat ict het leren efficiënter maakt en dat in 2006 meer dan 30 procentvan het leren buiten de school zal plaatsvinden. Dat boeken zullen verdwijnen, geloofden ze echter zeker niet, en dat grootschalig klassikaal onderwijs een rentrée zal maken al evenmin.

Eline Noorbergen, projectmanager leernet KPN, schetste hoe een elektronische leeromgeving kan werken. KPN biedt naast 500 klassikale cursussen al 939 elektronische cursussen aan en kan daardoor tegen lagere kosten beter inspelen op individuele wensen.

Het Ontwikkelcentrum wil ook elektronische cursussen ontwikkelen. Dat past in zijn visie op het onderwijs van de toekomst. Als u daarin geïnteresseerd bent, kunt u de cd-rom met bijbehorend boekje `Morgen is het geschiedenis' bij het Ontwikkelcentrum bestellen à _ 59,75.

Wim Drost, directeur Ontwikkelcentrum tijdens het congres: "Naast lesboeken en cd-roms zal het onderwijs in toenemende mate gebruik maken van een elektronische leeromgeving".

Foto: Jan Nijman

Kritische vmbo-docenten biologie gevraagd

Een ontwikkelteam aan de Universiteit van Amsterdam is bezig een lessenserie biologie te ontwikkelen voor derdejaars vmbo-leerlingen. Ze doen dat niet omdat er onvoldoende lesmateriaal voor biologie voorhanden is, maar omdat ze het kritische denken van leerlingen willen bevorderen. Leerlingen in de 21e eeuw moeten leren om kritisch met informatie om te gaan en een eigen mening te vormen. Als je die vaardigheid bij leerlingen wilt ontwikkelen, moet het kritische denken wel geïntegreerd in de schoolvakken worden meegenomen.

Om uit te zoeken hoe je dat didactisch vorm kunt geven, is aan de UvA een vierjarig onderzoeksproject gestart naar het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden die nodig zijn om kritisch te denken. Binnen dat project stellen de onderzoekers samen met biologie-docenten een lessenserie samen die op verschillende vmbo-scholen wordt uitgeprobeerd.

Het ontwikkelteam kan nog wel enkele kritische biologie-docenten gebruiken die hieraan hun medewerking willen verlenen. Het project heeft als werktitel `Leren en onderwijzen van communicatieve vaardigheden voor meningsvorming in schoolvakken'. Projectleider is mw.prof.dr. G. ten Dam, de onderzoeker mw. drs. H. Duijkers. Haar e-mail adres is hanneke@ilo.uva.nl.

(Bron: Didaktief & School, maart 2001)

Maatregelen om Mond en klauwzeer te voorkomen.

Nadat op 13 maart in op het Europese vasteland de eerste besmetting van mond en klauwzeer (mkz) in Frankrijk was gevonden, kwam de AOC Raad, op advies van LTO Nederland met richtlijnen om besmetting te voorkomen. Een dag later stuurde de HAO raad, gesteund door de inspecteur voor het agrarisch onderwijs vergelijkbare richlijnen naar alle hao instellingen.

De AOC Raad vindt dat aoc's geen bijeenkomsten, en dus ook geen cursussen moet organiseren. De bpv op bedrijven met dieren moet geblokkeerd worden, leerlingen moeten met schone kleren en zonder direct contact met dieren naar school komen en de scholen moet ontsmettingsbakken plaatsen. De meeste aoc's hebben de richtlijnen opgevolgd. De richtlijnen van de HAO raad zijn vergelijkbaar. Omgang met dieren moet beperkt worden, wat betekent dat praktijklessen opgeschort worden. Bedrijfsbezoeken en excursies naar bedrijven met mkz gevoelige dieren gaan niet door en de HAO raad vindt ook dat alle studenten en medewerkers goed geïnformeerd moeten worden zodat ze goed op de situatie kunnen reageren. Lobas heeft alle bedrijfsbezoeken naar mkz gevoelige bedrijven gestopt en sommige praktijkschoolweken aan IPC's gaan niet door.

"We hopen dat het allemaal niet te lang duurt" zegt Marcel Kooijman, directeur AOC Raad, "want het zou wel schade kunnen geven".

Leerlingen in Roermond (AOC Limburg) ontsmetten hun schoenen voor ze de school binengaan om de verspreiding van mond en klauwzeer tegen te gaan.

Foto: Pieter Boetzkes

Informatiebijeenkomst landbouwbreed

Al geruime tijd bestaat er onduidelijkheid over de feitelijke invulling van het intrasectorale programma Landbouwbreed . Dat geldt niet alleen voor de scholen die het programma willen invoeren, maar ook voor de materiaal- en examenontwikkelaars. Het ministerie van LNV heeft daarom begin januari het procesmanagement vmbo-groen opgedragen een kadernotitie over invulling en randvoorwaarden op te stellen. Deze notitie is eind februari vastgesteld.

Het procesmanagement vmbo-groen organiseert op 27 maart om 13.30 uur een informatiebijeenkomst over de kadernotitie bij het CPS in Amersfoort. De inhoud van de notitie wordt toegelicht en een aantal scholen laat zien hoe zij zich de invulling van Landbouwbreed voorstellen.

De scholen hebben hiervoor inmiddels een uitnodiging ontvangen. Voor meer informatie kunt u terecht bij Arie Oudenes, CPS, tel. 033 4534343. In een artikel in de op 14 maart verschenen editie van Groen Onderwijs kunt u meer lezen over dit intrasectoraal programma.

Veldbiologische dagen 2001

De voorbereidingen voor de veldbiologische dagen 2001 zijn alweer in volle gang. Als invulling voor dit jaar heeft de werkgroep, bestaande uit Chris Jellema, Arie van der Schoor en Jan Zwijnenburg, gekozen voor afwisselende activiteiten in de stedendriehoek Gouda, Boskoop en Leiden. Op het programma staan onder andere een bezoek aan het Proefstation in Boskoop, het werken met DOOR (Digitale Onderwijs Ontwerp Ruimte), een lezing over en een practicum met insecten en een (werk)bezoek aan Naturalis.

De veldbiologische dagen 2001 worden gehouden op 7/8, 11/12 en 13/14 juni. Binnenkort ontvangen alle vakgroepen biologie op de aoc's en scholengemeenschappen een mailing over deze dagen. Die mailing wordt ook op de website van Stoas geplaatst. Via www.stoas.nl  kunt u meer informatie vinden over nascholingen. Met vragen en/of opmerkingen kunt u terecht bij Johan Simmelink, tel. 0321 386100.

Meestal trekken de `groene' biologen het veld in om bij te scholen. Dit jaar komt een wat meer stedelijke omgeving aan bod.

Foto: Stoas

Leergangen EVC-groen van start

Onlangs is de AOC raad gestart met het project `EVC en een leven lang leren'.  Doel van Stoals Agriment is om  aoc's toe te rusten  om eerder verworven competenties (evc) van werkenden in de groene sector te herkennen en te erkennen. Daarom voeren ze  een viertal leergangen uit om evc-assessoren en evc-begeleiders op aoc's te ondersteunen bij de ontwikkeling en implementatie van evc-trajecten.

De leergangen duren elk vijf hele dagen. Aan de orde komen onder andere: evc-procedures, technieken en instrumenten, training om de technieken en instrumenten te hanteren, en het opzetten van een implementatietraject voor het eigen aoc, waarbij tussentijdse begeleiding vanuit Stoas-Agriment een mogelijkheid is. Naast de tijdsinvestering van de vijf cursusdagen moeten deelnemers rekenen op 40 extra uren voor intervisie/supervisie en het uitwerken van opdrachten.

Leergang 1 gaat van start op 15 maart 2001 en wordt vervolgd op 29 en 30 maart, 12 april en 3 mei. De tweede leergang wordt gegeven op 10 mei, 24 en 25 mei, 7 juni en 29 juni. Leergang 3 start op 11 oktober 2001 en heeft 25 en 26 oktober, 8 november en 29 november als vervolgdata. De vierde en laatste leergang begint in januari 2002, maar de cursusdagen hiervan zijn nog niet bekend.

De cursussen worden gegeven bij de AOC raad, Willi Brandtlaan 81, Ede. Deelname is gratis. Voor informatie en aanmelding: Stoas, Yvon Schuler, tel. 0317 472711, fax 0317 424770.

500-ste heftruck-getuigschrift

Op vrijdag 2 februari werd op IPC Plant. Dier, vestiging Emmeloord, het 500e getuigschrift `Veilig werken met de heftruck' uitgereikt. Frans van de Lindeloof, secretaris van het NLTO, reikte het certificaat uit aan de heer A.J. Wiertsema uit Dronten.

Het ipc heeft de eendaagse cursus `veilig werken met de heftruck' in het kader van de Arbo-wet speciaal ontwikkeld voor de agrarische sector. Vooraf bestuderen cursisten de inhoud van het cursusboek. Tijdens de cursusdag wordt de theoretische kennis in praktijksituaties toegepast. Ook vindt gerichte observatie van de heftruck-handelingen van medecursisten plaats. De cursus wordt verzorgd in Emmeloord, Oenkerk en Ede en valt onder de STOSAS-regeling.

Uitreiking door NLTO-secretaris F. van de Lindeloof van het 500e certificaat `Veilig werken met de heftruck' in Emmeloord aan de heer Wiertsema uit Dronten; naast hem (l) de heer Kruizinga, vestigingsdirecteu IPC Emmeloord.

Foto: W. Stout

Uitbraak mond en klauwzeer

Mond en klauwzeer is in Nederland sinds 20 maart uitgebroken. Enkele aoc's en hassen hebben daarom hun opleidingen gesloten. Maar scholen hoeven niet gesloten te worden vindt Martien de Vries, hoofd inspectie van landbouwonderwijs: "Vervoer van personen is nog niet verboden, dus we zien er geen aanleiding toe. Toch kunnen we ons voorstellen dat scholen in de buurt van de crisisgebieden een tijdelijke maatregel nemen" . Scholen kunnen opleidingen sluiten mits ze overleg plegen met de ouders van leerlingen en met de leerplichtambtenaar voor leerplichtige leerlingen. Maar de inspectie wil wel dat de scholen zo snel mogelijk over te gaan tot een aanvaardbare onderwijskundige oplossing voor de betreffende leerlingen en docenten. En wanneer er knelpunten ontstaan bij de examinering moeten scholen contact opnemen met de inspecteur.

Scholen moeten wel veterinaire maatregelen nemen zoals sluiting van de dierverblijven, ontsmetting van dierverzorgers, stilleggen van praktijkl essen met dieren, bezoeken aan bedrijven met dieren en stilleggen van cursussen en excursies. Leerlingen en docenten die dier hebben moeten hygiënische maatregelen om risico's te minimaliseren. De situatie verandert van uur tot uur. Op de internetsite van LNV, staat actuele informatie over de te nemen maatregelen. Alle aoc'ss en hao instellingen worden geïnformeerd over de te nemen maatregelen. Op het intranet landbouwonderwijs is vanaf vrijdag 23 maart een informatiepunt mkz geopend.

Pilot examinering mbo van start

Op donderdag 16 maart zou de pilot examinering mbo van start gaan en is hij ook van start gegaan. Maar vraag niet hoe. Via de onderwijsdirecteuren van de aoc's had projectleider Douwe Ettema voor deze startdag 20 aoc-docenten uitgenodigd, die direct aan de slag moesten om ijkpunten ten behoeve van toetsing te ontwikkelen voor tien certificaten uit KS2000+. Daar is haast bij. Het tijdpad voor de pilot is kort en in april moeten de concept-ijkpunten al klaar liggen om te worden beoordeeld.

Des te groter was de teleurstelling van de projectleider toen slechts zes van de uitgenodigde docenten aan de uitnodiging gehoor gaven. De reden hiervoor bleek te zijn dat de overige docenten van niets wisten. De boodschap was weer eens niet overgekomen.

"Ja, ik weet het," reageert Douwe Ettema, "niets nieuws onder de zon. Maar toch: daar zit je dan, met maar zes van de twintig mensen die je nodig hebt om van start te kunnen. Ik voelde het als een buitengewoon grote teleurstelling dat de mensen geen bericht hadden ontvangen."

Inmiddels heeft Ettema de betrokken docenten toch maar zelf benaderd om afspraken te maken voor een snelle inhaalslag voor de te ontwikkelen voorbeeld-ijkpunten.

Opleidingsbedrijf van het jaar

In de jaarlijkse verkiezing van het `Beste Opleidingsbedrijf' heeft Lobas zojuist de genomineerde bedrijven bekend gemaakt. Per sector kiest een sectorale jury het beste bedrijf. Een landelijke jury kiest vervolgens uit de winnaars het `Agrarisch Opleidingsbedrijf 2001'.

Er zijn 41 bedrijven voorgedragen voor verkiezing. Per sector zijn de beste drie genomineerd. Zij worden bezocht door een sectoraal team dat de bedrijven doorlicht en vergelijkt. De volgende bedrijven zijn genomineerd:

voor de bloemenbranche:

voor dierverzorging:

voor de groene ruimte:

voor plantenteelt:

voor veehouderij:

voor de voedingsindustrie:

Op 12 april maakt prof.dr. Roel in 't Veld, voorzitter van Colo, de sectorale winnaars bekend. Zij ontvangen een beeldje, een certificaat en een geldprijs van 500 gulden. Voor de landelijke winnaar stelt Lobas een geldprijs van 1000 gulden beschikbaar.

Met de verkiezing tot beste opleidingsbedrijf wil Lobas extra aandacht schenken aan goede bpv-bedrijven en op die manier een kwaliteitsprikkel geven.

Vele bomen één bos

Als symbool van de huidige samenwerking en de op handen zijnde fusie tussen de vier aoc's in het midden van Nederland hebben alle 1300 medewerkers van de 27 vestigingen van het Wellantcollege op 13 maart gezamenlijk een nieuw bos aangeplant in Midden-Delfland. Vele bomen maken één bos, bedacht men al brainstormend over een zinvolle en symbolische invulling van de eerste mega-personeelsbijeenkomst, en de vier aoc's moeten samen het nieuwe Wellantcollege gaan maken.

In Midden-Delfland wordt op dit moment het Abtswoudse bos aangelegd, een afwisselend recreatiegebied met bos en water. Met de boomplantdag hebben alle medewerkers van het Wellantcollege hieraan een echte én een symbolische bijdrage geleverd. Om de waarde van beide nog te versterken, blijven de leerlingen van het Wellantcollege het bos in de toekomst onderhouden.

Boomplantdag voor de 1300 medewerkers van de vier aoc's in Midden-Nederland. Vele bomen maken één bos; de vier aoc's moeten samen het nieuwe Wellantcollege gaan maken.

Innovatienetwerk groene ruimte en agrocluster

Met de folder Een nieuwe organisatie in een veranderende wereld nodigt het nieuw gevormde netwerk groene ruimte en agrocluster belanghebbenden en belangstellenden uit om - zoals minister Brinkhorst het in de brochure uitdrukt - 'het innovatienetwerk niet met rust te laten, maar juist er actief in te participeren'. Brinkhorst geeft aan dat hij dat zelf zeker van plan is.

Het innovatienetwerk is een door LNV gefinancierde, maar onafhankelijke en departementsoverschrijdende organisatie die door de minister is ingesteld voor de duur van vijf jaar, met de bedoeling een impuls te geven tot innovatie in de groene ruimte en het agrocluster. De missie van het netwerk is als volgt geformuleerd: "Het Innovatienetwerk Groene Ruimte en Agrocluster wil een vitale en duurzame ontwikkeling van het nationale en internaitonale agrocluster en van de groene ruimte bevorderen, ten behoeve van een verbetering in de kwaliteit van leven van de nationale en internationale consument en burger, en van de vitaliteit van ecosystemen. Zij wil een cultuur creëren en de mensen en middelen mobiliseren, die het op gang brengen van de daarvoor nodige ingrijpende vernieuwingen mogelijk maken."

Het netwerk wordt gevormd door vernieuwingsgerichte personen uit bedrijfsleven, overheid, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen. De komende maanden wordt de werkagenda vastgesteld, gericht op het uitvoeren van verkenningen, haalbaarheidsstudies en pilots. Directeur van het innovatienetwerk is Dr.ir. A.P. Verkaik. Voor meer gedetailleerde informatie kunt u terecht op de website van het innovatienetwerk groene ruimte en agrocluster.

Afstandsonderwijs vanwege mond- en klauwzeer crisis

Na de eerste paniek op 20 maart hebben vrijwel alle onderwijsinstellingen hun opleidingen weer geopend. Maar bij de scholen rondom de gebieden waar besmetting met mkz is geconstateerd blijven sommige leerlingen noodgedwongen thuis. Op de mas in Barneveld (Groenhorst College) volgen krijgen leerlingen huiswerk via internet. Op de site staan huiswerkopdrachten en leerlingen kunnen discussieren in een forum. Andere scholen sturen leerwijzers of opdrachten naar de leerlingen en onderhouden intensief contact via e-mail of telefoon. "We worden gedwongen een ander onderwijssysteem in te voeren" zegt Kees Snippert PR coördinator bij AOC Oost in Almelo, "en hoewel het niet onderwijskundig is onderbouwd kunnen we de nodige ervaring opdoen".

De maatregelen die door de onderwijsinstellingen genomen worden zijn te lezen op het intranet landbouwonderwijs waar een informatiepunt mkz geopend is.

Leer-werk trajecten vmbo

Een eerste tranche vmbo scholen die leer-werk trajecten willen invoeren in de basisberoepsgerichte leerweg kan per 1 augustus 2001 met de voorbereidingen hiervan starten. De scholen moeten dan wel vóór 1 juni een ingevuld format leer-werk plan indienen bij DWK en een kopie sturen aan de projectorganisatie vmbo, die de uitvoering van leer-werk trajecten begeleidt. Vóór 1 juli horen ze of ze of ze mogen starten of niet.

Starters ontvangen een financiële bijdrage (f 40.000,- voor de eerste vmbo-vestiging van een aoc, f 20.000,- voor elke volgende locatie van hetzelfde aoc) ter voorbereiding van de invoering. Tijdens schooljaar 2001/ 2002 treffen ze alle benodigde maatregelen om het volgend schooljaar in het vierde leerjaar vmbo daadwerkelijk met leer-werk trajecten van start te gaan. Hiertoe moeten ze wel eerst gekwalificeerd worden na een onderzoek door de vmbo-projectorganisatie. Lukt dat, dan ontvangen ze het tweede deel van het leer-werk budget à f 50.000,-.

Om zich te kwalificeren, moeten de vmbo-scholen aan vijf eisen voldoen: toelatingscriteria en afspraken met de RMC's, leer-werk plan inclusief begeleidingsplan, schriftelijke afspraken met leerbedrijven, afspraken met vervolgopleidingen over verwante doorstroom en een scholingsplan voor docenten.

Per 1 augustus 2002 kan een tweede tranche vmbo-scholen - eveneens na goedkeuring - met de voorbereidingen beginnen. Scholen die in het kader van onderwijsontwikkelingsprojecten al eerder met de voorbereidingen waren gestart, kunnen nu direct met de kwalificatieprocedure beginnen.

De beleidsregel leer-werk trajecten en de notitie `Ruimte voor leer-werk trajecten' zijn opgenomen in het Gele Katern van uitleg nr. 7 van 14 maart jl.

.

Twijfel over bedrijfsovername

De komende tien jaar wordt bedrijfsovername in de landbouw een veel groter probleem dan het mestprobleem de afgelopen tien jaar was. De twijfel onder jonge boeren of ze het ouderlijk bedrijf wel moeten overnemen is groot en neemt alleen maar toe. Dit is de conclusie van een promotie-onderzoek dat werd uitgevoerd door Roberto Flören, docent aan de Universiteit Nijenrode, in samenwerking met de NAJK.

Uit het onderzoek, gehouden onder 280 jonge boeren die het bedrijf van hun ouders hebben overgenomen, blijkt dat meer dan 57 procent van hen sterk getwijfeld heeft over de overname van het ouderlijk bedrijf. Als bron van twijfel werden genoemd: overheidsmaatregelen, te lage inkomsten, te hoge overnamelasten en spanningen in de familie. Als redenen om het bedrijf ondanks die twijfel toch over te nemen worden genoemd: het ondernemerschap, de vrijheid, hobby, buiten en met dieren werken en het voortzetten van de familietraditie.

"Wij constateren al jaren dat bedrijfsovername veel zwaarder geworden is," zegt NAJK-bestuurder Johan Bouma. "De cijfers uit het onderzoek bevestigen dat beeld. Bovendien komt ook heel duidelijk uit het onderzoek naar voren dat de drang bij jongeren om vernieuwingen door te voeren wordt afgeremd door de moeilijke bedrijfsovername. Ze willen wel vernieuwen, maar komen er niet aan toe. Wanneer de overheid maatregelen neemt die de overname verzwaren, zetten ze dus eigenlijk zelf de rem op vernieuwingen in de landbouw."

De NAJK gaat de uitkomsten van het onderzoek gebruiken in het overleg met de politiek en maatschappelijke instanties. "De uitkomsten van het onderzoek zijn voor ons geen verrassing. Maar hoe meer inzicht er is in de omstandigheden rondom bedrijfsovername, hoe beter je daarop kunt inspelen. De NAJK heeft een aantal oplossingen waarbij de politiek een substantieel aandeel kan leveren om die bedrijfsovername te verlichten. Met dit onafhankelijke onderzoek in de hand hopen we sterker te staan richting de politiek."

AOC West-Brabant oki-oké

Als derde aoc is op West-Brabant het onderzoek met kwaliteitsindicatoren (OKI) uitgevoerd door de Inspectie LOK (landbouwonderwijs en kennisprogramma's). Het OKI wordt uitgevoerd met behulp van standaarden binnen vier gebieden: organisatie & beleid, inhoud van het onderwijsprogramma, uitvoering van het onderwijsleerproces en toetsing, afsluiting & opbrengsten. De uitkomsten worden gebaseerd op gesprekken, observaties en beleids- en beheersdocumenten.

AOC West-Brabant scoort op een zestal punten goed: de externe communicatie (soms té goed), beleid, leerlinbegeleiding, scores vmbo, toetsing mao en, op enkele vestigingen, het allochtonenbeleid. Zeven punten behoeven verbetering volgens het OKI-rapport. Dat zijn: kwaliteitszorg, de (te traditionele) wijze van lesgeven, de toegang tot ict, gebrek aan draagvlak voor beleid, de interne communicatie, de IS-stroom op de mavo in Strijen en de uitvoering van personele verplichtingen door de locatieleiding op de grotere vestigingen.

De rapportage over de OKI-onderzoeken is openbaar en kan worden gedownload als pdf bestand via www.minlnv.nl/onderwijsinspectie.

Kwaliteitseisen leraarsberoep

In de loop van 2001 wordt de `wet op de beroepen in het onderwijs' ingediend. Een notitie met uitgangspunten daarvoor zijn in februari naar de Tweede Kamer gestuurd door minister Hermans.

In de voorstellen heeft de nieuwe wet niet alleen betrekking op docenten, maar op alle beroepsbeoefenaren in het primair en voortgezet onderwijs en het secundair beroepsonderwijs. Het idee van een centraal register voor leraren is losgelaten in de notitie. Wel worden eisen gesteld aan het up to date blijven van de bekwaamheid van het onderwijspersoneel. De verantwoordelijkheid hiervoor berust bij de scholen en het onderwijspersoneel. De inspectie zal erop toezien dat de bekwaamheid van het personeel aan de eisen voldoet en blijft voldoen.

De bekwaamheidseisen worden elke vijf jaar door de overheid vastgesteld bij algemene maatregel van bestuur. Op korte termijn worden als eerste de bekwaamheidseisen voor leraren vastgesteld en vastgelegd in de wet.