Nieuwsberichten landbouwonderwijs maart 2000

Leerlingen geven Barneveldse veehouders advies

'Zoek een veehouderijbedrijf en maak in overleg met de veehouder een inventarisatie van de technische en economische situatie van het bedrijf. Vergelijk de resultaten met de landelijke normen en maak een sterkte/zwakte-analyse van het bedrijf. Onderzoek daarna de mogelijkheden om het ondernemersinkomen te verbeteren.' Met die opdracht zijn de derdejaars veehouderijleerlingen van het Groenhorst College te Barneveld de school uit gestuurd. Op donderdag 17 februari verschenen ze met sheets, videobanden, dia's en digitale presentatiemiddelen op het Groenhorst College om hun bevindingen in het kader van het project Optimaliseren veehouderijbedrijf te presenteren.

Hun gehoor aldaar bestond uit medeleerlingen, docenten en agrarische ondernemers en ook de Rabo-bank was vertegenwoordigd. De voorstellen die de leerlingen hadden uitgedacht en doorgerekend varieerden van een groepshuisvesting op stro voor zeugen tot het aanschaffen van een melkrobot en het ontslaan van de medewerker. Maar ook was er gedacht aan het verplaatsen van het bedrijf naar de Flevopolder of naar Canada. In groepen werden de voorstellen, samen met de veehouders en de docenten, kritisch doorgelicht.

8

Barneveldse leerlingen presenteren hun sterkte/zwakte analyse van veehouderijbedrijven

Foto: Barneveldse Krant

"Het is vooral een leerzaam project," licht teamleider veehouderij-afdeling Rob Merkelijn toe, "omdat de leerlingen en passant sleutelvaardigheden als samenwerken, informatie zoeken en selecteren, ict-gebruik, presenteren en dergelijke oefenen. En die zijn onmisbaar in het brede beroepenveld waar ze na hun opleiding terecht zullen komen."

 

Toezichtswet

Minister Hermans en staatssecretaris Adelmund van OC&W hebben met een recente beleidsreactie, getiteld 'Naar een stimulerend toezicht', gereageerd op het advies van de Onderwijsraad over de kwaliteit van de onderwijsinstellingen en het toezicht daarop door de inspectie.

De geschiedenis van de nieuwe rol van de onderwijsinspectie begint bij de regeringsverklaring van het nieuwe kabinet. Daarin staat dat een nieuwe vorm van kwaliteitstoezicht nodig wordt geacht. De uitwerking van die verklaring verscheen in mei vorig jaar, in de notitie 'Variëteit en waarborg', die mede namens de minister van Landbouw aan de Tweede Kamer werd aangeboden. Kernelementen uit deze notitie zijn dat het toezicht 'effectief, proportioneel, kenbaar, legitiem en onafhankelijk' moet zijn.

Als volgende stap werd de notitie voor advies voorgelegd aan de Onderwijsraad. Het advies van de raad volgde in november onder de titel 'Deugdelijk toezicht'. De raad adviseerde daarin om, naast de huidige wettelijke deugdelijkheidseisen als kerndoelen en exameneisen, ook aanvullende kwaliteitskenmerken als leerlingzorg, pedagogisch klimaat en didactisch handelen als deugdelijkheidseisen op te nemen.

Daarna was de beurt weer aan de bewindslieden om te antwoorden met een pakkende titel. De beleidsreactie 'Naar een stimulerend toezicht' geeft aan dat kwaliteitsverbetering van scholen niet kan worden bereikt door van genoemde kwaliteitskenmerken ook wettelijke deugdelijkheidseisen te maken, maar wel door de onderwijsinspectie een zwaardere rol toe te kennen. De inspectie zal de scholen regelmatig beoordelen op hun functioneren. Uitgangspunt daarbij is dat de scholen zelf hun onderwijsbeleid bepalen, maar dat de inspectie ze beoordeelt op de uitvoering daarvan. Het oordeel van de inspectie wordt vastgelegd in een openbaar rapport zodat iedereen, ook ouders, zich ervan op de hoogte kan stellen in welke mate een school voldoet aan de wettelijke eisen én de aanvullende kwaliteitskenmerken. De beoordeling door de inspectie vindt plaats aan de hand van kwaliteitsindicatoren die worden vastgelegd in een Toezichtswet.

Voor de inspectie voor het landbouwonderwijs komen de veranderingen naar een andere verantwoordelijkheidsverdeling niet uit de lucht vallen. "Wij zijn allang in dat proces gestapt," zegt Martien de Vries, hoofd van de inspectie LOK, "door meer systematisch te beoordelen en door de beoordeling ook openbaar te maken. Wat ik nu wel nieuw vind, is het stimulerende aspect van het toezicht. Natuurlijk, als wij een onderwijsinstelling bezoeken, doen we meer dan alleen een meetlat neerleggen: dit is goed, dit is fout. Je hoeft niet alleen als politieagent rond te lopen, maar probeert ook stimulansen te geven om zaken te verbeteren, en daar geef je aanwijzingen voor."

De Vries benadrukt dat het stimulerende karakter van de notitie niet onverlet laat dat scholen die "er geen snars van hebben gebakken" ook een duidelijk afkeurend oordeel te horen krijgen. "Af en toe kan het inspectie-oordeel best een rodekaart-gehalte hebben. Maar het positieve element van beoordelen en het aanreiken van verbeteringsmogelijkheden, dat wordt in de beleidsreactie van Hermans en Adelmund zeer duidelijk benadrukt."

Per 1 januari is de inspectie LOK uitgebreid met 1 fte en het werkplan om de nieuwe inspectietaak naar behoren te kunnen uitvoeren ligt klaar. "De komende twee, drie jaar hebben we een inhaalslag eerste orde-toezicht: een grondige doorlichting van alle instellingen in het aoc-veld en de ipc's. Daarna zal worden beoordeeld wat de intensiteit van het toezicht in de jaren erna zal zijn. We passen daarbij dezelfde systematiek toe als de inspectie van OC&W en zullen daar ook intensief mee samenwerken."

De kamerbehandeling van de nieuwe Toezichtswet heeft in februari plaatsgevonden. De verwachting is dat de wet in de eerste helft van 2000 van kracht zal worden.

CREBO 2000-2001

De gedrukte uitgave van het Centraal Register Beroepsopleidingen in de Agrarische Sector voor cursusjaar 2000-2001 is verschenen. Het CREBO 2000-2001 bevat een overzicht van de opleidingen agrarische beroepsonderwijs en de instellingen die deze opleidingen het komend cursusjaar mogen gaan verzorgen, en een lijst met deelkwalificaties met de exameninstellingen die deze mogen legitimeren. Binnenkort is het CREBO ook via internet toegankelijk. Het adres is: www.minlnv.nl/thema/kennis/onderwijs/crebo.htm.

Veel commotie over uitspraken LTO-voorman Vogelaar

Het hele lager agrarisch onderwijs kan worden opgeheven. Dat zegt
LTO-voorman Jan Cees Vogelaar in het Onderwijsblad van de Algemene
Onderwijsbond (AOb) van 10 maart. Volgens de voorzitter van de
vakgroep Melkveehouderij van LTO-Nederland leidt het LAO niet breed
genoeg op en kunnen leerlingen beter eerst naar een andere
beroepsopleiding gaan voordat ze besluiten een agrarische
beroepsopleiding te gaan volgen. Ook heeft Vogelaar kritiek op de
kwaliteit van het AOC-onderwijs. AOC's lopen naar zijn mening
achter bij de vernieuwingen in de sector en de agrarische
achtergrond van de AOC-bestuurders zet een rem op vernieuwingen.
Ook zegt Vogelaar dat opleidingen voor bijvoorbeeld bloemschikken
en dierverzorging beter naar de ROC's kunnen verhuizen, omdat ze
niets met het agrarisch onderwijs te maken hebben. Ook het
ministerie van LNV krijgt van Vogelaar een veeg uit de pan. Hoewel
het agrarisch onderwijs 30% van de begroting van LNV uitmaakt houdt
de minister er zich niet mee bezig. Een visie van het ministerie op
dit onderwijs ontbreekt ook.

Vanuit de AOC's is verontwaardigd gereageerd op de stellingname van Vogelaar.
'Het beeld dat Vogelaar schetst van het AOC-onderwijs is een
karikatuur van de werkelijkheid', schrijft de AOC-raad in een
persbericht dat naar aanleiding van het artikel verspreid werd.
'Hij is slecht op de hoogte van de situatie op de AOC's en geeft in
de media keer op keer blijk van een onthutsend gebrek aan kennis
van zaken.'
In het bericht wijst de AOC-raad erop dat het Lager Agrarisch
Onderwijs al acht jaar geleden is afgeschaft en vervangen door het
VBO-groen (inmiddels VMBO-groen): een brede opleiding waarin
planten en dieren fungeren als leermiddel. Het merendeel van de
leerlingen in het VMBO-groen is niet van agrarische afkomst en
stroomt door naar alle vormen van middelbaar beroepsonderwijs.
De AOC-raad ergert zich ook aan de kritiek die Vogelaar heeft op de
kwaliteit van het MBO in AOC's. De inhoud van de opleidingen en de
exameneisen zijn in belangrijke mate door LTO-mensen zelf bepaald.
Als LTO-Nederland daar niet over tevreden is moet ze eerst maar de
hand in eigen boezem steken. De AOC-raad heeft inmiddels bij LTO-
Nederland erop aangedrongen openlijk afstand te nemen van de
uitlatingen van Vogelaar.

Enquête ICT-gebruik in landbouwonderwijs

In de tweede helft van maart onderzoekt het vakblad Agrarisch
Onderwijs het ict-gebruik in het landbouwonderwijs. Via een
schriftelijke enquête worden ruim 700 aselect gekozen medewerkers
van agrarische hogescholen, aoc's en ipc's  gevraagd over gebruik
van computer, internet en e-mail. De enquête - die mede in opdracht
van de Directie ICT (Landbouwonderwijs) wordt afgenomen - moet
relevante informatie voor beleidsmakers bij oveheid en op de
instellingen opleveren. De resultaten van de enquête worden in mei
gepubliceerd in het vakblad Agrarisch Onderwijs.
De enquête is inmiddels naar de colleges van bestuur/centrale
directies van de instellingen verzonden met het verzoek deze
volgens een beschreven procedure onder de medewerkers op de
locaties te distribueren. De geselecteerde medewerkers moeten de
ingevulde formulieren zelf voor 25 maart naar een antwoordnummer
terugzenden.
Om een hoge respons te bevorderen wordt onder de inzenders een
reischeque ter waarde van 750 gulden verloot.

 

 

Feestvarken wint _15.000,-

'Elke bladzijde een feest'. Niet veel schrijvers van
wetenschappelijke boeken of boeken over specifieke onderwerpen
krijgen zo'n compliment te horen. Maar schrijver en docent Anno
Fokkinga vam AOC Friesland en illustratrice Marleen Felius viel die
eer wel te beurt. Zij hebben met hun boek 'Het varken' (uitgegeven
door uitgeverij Thoth) de Eureka! non-fictie prijs 1999/2000 van
_15.000,- gewonnen. Deze prijs werd op 29 februari in Felix Meritis
in Amsterdam uitgereikt namens de Nederlandse Organisatie voor
Wetenschappelijk Onderzoek en de Stichting Wetenschap en Techniek
Nederland door juryvoorzitter/publicist Jaap van Heerden. De vier
genomineerden, die uit 143 inzendingen werden geselecteerd,
ontvingen een bronzen beeldje van Richard de Vrijer.

''Het varken' is een prachtig geïllustreerd encyclopedisch werk
over dit aandoenlijke dier dat zo'n problematische relatie
onderhoudt met de mens. Daardoor is het zowel een biologisch als
antropologisch werk geworden', vermeldt het juryrapport over het
winnende boek. En: 'Wetenschap fascineert, maar om die fascinatie
over te brengen dient men te beschikken over een dubbeltalent:
deskundigheid en de juiste toon en stijl om die deskundigheid aan
een groter publiek te presenteren.' Fokkinga en Felius zijn daar
overduidelijk in geslaagd, vond de jury, die elke bladzijde van het
boek 'een feest' noemt.

Tijdens de uitreiking van de tweejaarlijkse non-fictie prijs werd
ook de Vrij Nederland-lezersprijs uitgereikt. Gekozen tot beste
boek op het gebied van wetenschap en kennis door de lezers van Vrij
Nederland werd 'Zin der Zotheid' van Inge Mans. Zij ontving
_2.500,- en een tekening van Peter van Straaten.

Anno Fokkinga en Marleen Felius ontvangen de Eureka! non-fictie
prijs uit handen van juryvoorzitter Jaap van Heerden.

 

 

Nieuwe site voor Lobas

Op 29 februari heeft Lobas-directeur Jan Gravemaker de nieuwe
internetsite van Lobas officieel in gebruik gesteld. De site bevat
praktische informatie over de bloemenbranche, dierverzorging,
groene ruimte, plantenteelt, veehouderij en voedingsindustrie en is
bedoeld om de communicatie van Lobas met het agrarisch
bedrijfsleven en het onderwijs te bevorderen.
De informatie is onderverdeeld in onderwerpen per sector. U vindt
er onder andere gegevens over werkgelegenheid, aantallen en soorten
bedrijven en een overzicht van de vertegenwoordigers uit het
bedrijfsleven en het agrarisch mbo. Ook zijn er toelichtingen te
vinden op de beroepspraktijkvorming en de nieuwe
kwalificatiestructuur 2000+.
Het up to date gehouden register van erkende opleidingsbedrijven -
tot nu toe te vinden op cd-rom - is ook te vinden op de nieuwe site
van Lobas. Scholen en leerlingen kunnen hiervan gebruik maken bij
het zoeken naar stage-adressen.
Het adres van de site van Lobas is - u raadt het al -
www.lobas.nl.

Met een (symbolische) druk op de knop opent directeur Jan
Gravemaker de nieuwe internetsite van Lobas

Foto: Lobas

 

Opvolger Jaap Weststeijn bij VBW

Werd voorheen het onderwijsbeleid voor de bloemistenbranche
behartigd door Jaap Weststeijn - die locatiedirecteur werd op de
vestiging vmbo Velp van Helicon Opleidingen - op 1 februari is René
van Aalderen in dienst getreden bij de VBW, de centrale vereniging
voor de bloemendetailhandel. Van Aalderen volgt Weststeijn op als
ambtelijk secretaris van de Stichting Onderwijs Bloemenschikken/-
Detailhandel en krijgt het onderwijsbeleid voor de
bloemistenbranche in zijn takenpakket.
René van Aalderen is na zijn opleiding tot leraar biologie zeven
jaar ambtelijk secretaris van de brancheorganisatie in het
uitvaartwezen geweest. De afgelopen jaren heeft hij als directeur
van verschillende vakopleidingsinstituten ervaring opgedaan met de
ontwikkelingen in het branchegericht onderwijs en met
beleidsontwikkeling in het beroepsonderwijs.

René van Aalderen, opvolger van Jaap Weststeijn bij de VBW, de
centrale vereniging voor  de bloemendetailhandel

Onderwijsprijs Drenthe voor AOC Terra

Een zeer verraste Henk Fokken, coördinator cursus- en
contractonderwijs bij AOC Terra locatie Frederiksoord, mocht op 16
februari samen met zijn collega van de Vrouwen Vakschool te Assen
de Onderwijsprijs 1999 van de Kamer van Koophandel Drenthe in
ontvangst nemen. De prijs, bestaande uit een cheque ter waarde van
_2500,- en een wisselbokaal, werd uitgereikt voor de opleiding
'Ondernemen op het platteland'. Deze opleiding werd in samenwerking
met de Vrouwen Vakschool in 1996/97 voor het eerst uitgevoerd.
Sinds de start zijn er in Assen en Frederiksoord zo'n 100
onderneemsters op het platteland opgeleid en nog steeds bestaat er
voor de opleiding veel belangstelling. Ook in de andere noordelijke
provincies, in Flevoland en in de Noordoostpolder wordt de
opleiding nu aangeboden.

Voor de tweede maal ging de Drentse Onderwijsprijs naar de locatie
Frederiksoord van AOC Terra. Cursuscoördinator Henk Fokken (r) nam
hem in ontvangst.

Voor de onderwijsprijs 1999 werden door bedrijven, instellingen en
organisaties in totaal acht initiatieven ingediend. Zes werden er
genomineerd. Uit deze zes kandidaten koos de jury het
onderwijsproject van AOC Terra en de Vrouwen Vakschool om de
volgende redenen:

Een vermelding van de jury gold daarnaast ook de onderlinge
contacten die de vrouwelijke ondernemers door de cursus opdoen.
Deze kunnen leiden tot samenwerking en daarmee tot een nieuwe
netwerkstructuur op het platteland.

Het cursus- en contractonderwijs in Frederiksoord sleept de Drentse
onderwijsprijs voor de tweede keer in de wacht sinds de instelling
ervan in 1988. Ook het Frederiksoordse startersproject voor
beginnende boomkwekers viel in de prijzen. "Blij dat ik naar de
uitreiking gegaan ben", zegt cursuscoördinator Henk Fokken er
achteraf over. "Ik had nooit gedacht dat wij de onderwijsprijs
alweer zouden winnen."

 

School without walls

Met vier knalgele Renault Kangoo's vol met kleurige stickers gaat
het promotieteam van de HAS Den Bosch de baan op om voorlichting
geven op middelbare scholen in heel Zuid-Nederland. 'School without
walls', dat is de slogan van de HAS Den Bosch. Daarmee wil de
school potentië0/00le studenten duidelijk maken dat het hoger agrarisch
onderwijs niet opleidt voor eentonig kantoorwerk of voor werk dat
je uitsluitend in een overall met laarzen aan kunt verrichten, maar
voor afwisselende activiteiten die passen bij creatieve,
gemotiveerde en vrijheidslievende jonge mensen. De vier nieuw
aangeschafte auto's moeten op de Zuid-Nederlandse wegen het
negatieve imago van de agrarische sector doorbreken en ervoor
zorgen dat weer wat meer jongeren de HAS in Den Bosch gaan
bevolken. Jeroen Naaijkens, voorzitter van het College van Bestuur
van de has, nam de auto's op 25 februari in ontvangst en droeg ze
over aan het has-promotieteam.

Met deze knalgele promotie-auto's vol kleurige stickers zal de HAS
Den Bosch zeker opvallen op de Zuid-Nederlandse wegen

Foto: HAS Den Bosch

Nieuwe locatiedirecteur tuinbouwvakschool Vught

Na het vertrek van Madelon de Beus naar DWK is met ingang van 1
februari als nieuwe locatiedirecteur van de tuinbouwvakschool in
Vught Piet Bastiaansen (48) aangetreden. Bastiaansen komt uit
Baarle Nassau, beschikt over 25 jaar onderwijservaring in alle
sectoren van het beroepsonderwijs, met uitzondering van het
landbouwonderwijs. De laatste vijf jaar is hij directeur geweest
van een groot technisch college (Baronie) in Breda.

Piet Bastiaansen is 'een echte man van het beroepsonderwijs' en
verheugt zich erop nu ook kennis te maken met het agrarisch
onderwijs. De Tuinbouwvakschool is met ingang van het vorig
schooljaar gestart met bol-opleidingen (dagschool) naast de
bestaande bbl-opleidingen (leerlingwezen) en heeft daardoor enige
groeipotentie. Ook dat vindt Bastiaansen een aantrekkingsfactor van
zijn nieuwe werkkring, vooral omdat de leerlingaantallen in de
sector techniek behoorlijk dalen. Als derde factor noemt hij de
kleinschaligheid - Vught heeft een leerlingentotaal van 500/600
leerlingen en een docententeam van zo'n 40 mensen en functioneert
redelijk autonoom als vestiging van Helicon Opleidingen. En een
vierde uitdaging in deze nieuwe baan vormen de plannen om op de
huidige locatie midden in Vught een "gigantische nieuwbouw/verbouw
operatie" uit te voeren "Qua uitstraling gaan we het alleen maar
beter doen, denk ik."

Piet Bastiaansen, nieuwe man aan het hoofd van de Tuinbouwvakschool
Vught

 

Kennisfestival over voedsel en groene ruimte

Wageningen staat in de etalage tijdens de Wageningse Kennisdagen op
13, 14 en 15 april om te laten zien dat het unieke kennis,
bijzondere wetenschappers en ondernemende ingenieurs herbergt en
dat een studie aan Wageningen UR aantrekkelijk en de moeite waard
is. Tijdens het driedaagse festival vinden debatten plaats tussen
bedrijfsleven, overheid, wetenschap en samenleving over voedsel en
groene ruimte.

Er zijn vier congresthema's vastgesteld. Niet verrassend - nu
voedselschandalen bijna aan de orde van de dag zijn - is 'kwaliteit
en veiligheid van voeding' het eerste congresthema. Voor- en
tegenstanders van het gokken met genen kunnen zich uitleven op
thema twee: 'biotechnologie: debat tussen wetenschap en
maatschappij'. Hoe moeten we omgaan met rust, ruimte, natuur, water
en landschap? Die vraag komt in diverse facetten aan de orde in
thema drie, 'landgebruik en waterbeheer'. 'De kunst van kennis
maken' is het vierde thema van het kennisfestival. Dit thema gaat
over de overgang van Nederland naar een kenniseconomie.

Naast de debatten en lezingen is er een bedrijven informatiemarkt
waaraan zo'n 60 organisaties op het gebied van voedsel en groene
ruimte deelnemen. En er is een ideeënbeurs met o.a. Money meets
ideas, Innovatiesteunpunt Wageningen en diverse financiële
instellingen. Ook worden workshops georganiseerd over
sollicitatievaardigheden, teambuilding, conflicthantering en het
geven van presentaties.

Het nationale kennisfestival duurt drie dagen en bestaat uit een
openingsprogramma op donderdag 13 april, een congres (inclusief
bedrijven-informatiemarkt en ideeënbeurs) op 14 april en een
publieksdag op 15 april. De eerste twee congresdagen zijn vooral
gericht op deskundigen; de publieksdag richt zich op algemeen
ge<nteresseerden. Ten behoeve van de bezoekers van buiten Nederland
worden verschillende onderdelen in het Engels gehouden.

De folder met het congresprogramma is inmiddels verschenen. Wie de
meest actuele informatie over het programma wil bekijken of recent
verschenen artikelen over de vier congresthema's wil lezen, kan dat
doen op
www.wkd.nl. Ook het projectbureau Wageningse Kennisdagen
kan informatie verschaffen via de telefoon (0317 465260), fax (0317
417884) of e-mail (projectbureau@wkd.nl).
Hbo-studenten en studenten van de universiteiten van Wageningen,
Utrecht en Nijmegen kunnen het congres bijwonen voor de speciale
prijs van _25,- De bedrijven informatie markt is vrij toegankelijk.

 

Trekkerrijden voor vrouwen

Een cursus trekkervaardigheid voor vrouwen. Thuis, op het bedrijf,
is het vaak te druk om uitleg te krijgen of de mannen gaan erbij
staan grappen maken.

Foto: AOC Terra

Voorbijgangers langs de Groningse hoofdvestiging van AOC Terra
moeten zaterdag 19 februari vreemd hebben opgekeken. Op het
parkeerterrein stonden geen auto's. Wel reden er veertien vrouwen
op zware trekkers rond:  vooruit, achteruit, helling op en af, met
en zonder aanhangers. De verrichtingen van de dames werden
gadegeslagen en zo nodig gecorrigeerd door Terra-docent agrarische
techniek Ben Boerema uit Winsum, die voor die speciale gelegenheid
de assistentie van een collega had ingeroepen. Het ongebruikelijke
tafereel werd verder bijgewoond door journalisten van de
noordelijke media.

De veertien dames hadden zich ingeschreven voor de cursus
trekkervaardigheid voor vrouwen, die het aoc dit jaar voor het
eerst ook in Groningen in de aanbieding had. Negentien
belangstellende vrouwen schreven zich hiervoor in, van wie er
uiteindelijk veertien aan de cursus deelnamen. De cursus bestond
uit twee avonden theorieles, gevolgd door een hele dag praktijk.
Voor die gelegenheid had docent Boerema met behulp van
mechanisatiebedrijven en loonwerkers in de omgeving gezorgd voor
voldoende oefenmateriaal.

"Het waren dames die zelf niet op een landbouwbedrijf waren
opgegroeid," vertelt Ben Boerema, "en die er in hun huidige
situatie om verschillende redenen niet toe komen om het
trekkerrijden goed te oefenen. Zelf dacht ik: als je als boer wilt
dat je vrouw op het bedrijf op de trekker rijdt, dan help je haar
daar toch mee op gang? Maar zo werkt het in de praktijk dus niet.
De vrouwen gaven te kennen dat het op het bedrijf vaak te druk is
om uitleg te krijgen en te oefenen. Of dat hun man daar te
ongeduldig voor is. Of dat er, zodra ze thuis op de trekker
stappen, gelijk drie mannen omheen staan grapjes te maken. En één
van hen is een  has-studente die stage gaat lopen in Denemarken.
Daar moet je voor de verzekering kunnen aantonen dat je
trekkervaardigheid bezit."

"Het is allemaal goed afgelopen en daar was ik al blij mee",
vertelt Ben Boerema hoorbaar opgelucht. "Het was nog een hele klus
om die trekkers verzekerd te krijgen. De vrouwen vonden dat ze
ontzettend veel geleerd hadden in die ene dag praktijk wilden er
eigenlijk ook nog wel een vervolg aan geven. Daar moeten we het
hier nog maar eens over hebben."