Algemeen nieuws landbouwonderwijs
Nieuwsberichten periode februari 1999
Nieuwe Kenmerkuitgaven voor vmbo-groen
Bij Uitgeverij Zorn in Leiden verschenen opnieuw enkele uitgaven in de reeks Kenmerk voor onderwijs-voorlichting. De onderwerpen lopen uiteen, maar ze zijn alle behoorlijk actueel. Docenten van het vmbo-groen kunnen er veel verrijkings- en verdiepingsmateriaal voor hun leerlingen in vinden.
Vijf onlangs verschenen aanbevelingswaardige uitgaven zijn:
'Energie? Doe maar duurzaam!' laat zien dat we ons hele leven niet zonder energie kunnen. We moeten bewegen, ons verplaatsen, we hebben licht nodig, verwarming en geluid om enkele voorbeel-den te noemen. Fossiele brandstoffen zijn eindig, daarom is het belang van duurzame energie erg groot. Onderwerpen zijn: zonne-energie, windenergie, biomassa, waterenergie en het gebruik van aard- en omgevingswarmte. In deze uitgave (20 pag.) veel vragen en verwerkingsopdrachten.
'Van supermuis tot wonderkoe' bevat informatie over genetische manipulatie, kloneren en xenotransplantatie. Gekloonde en gemanipuleerde dieren leggen zelf uit waarin zij verschillen van 'normale' dieren. Wat betekent dit voor deze dieren en waarom worden ze zo gemaakt? Het zal duidelijk worden wat voor invloed nieuwe biotechnologie heeft en kan hebben. De uitgave kwam tot stand in opdracht van de Anti-Vivisectiestichting (AVS).

'Moet je horen' gaat over geluid en over de werking van ons gehoor. Goede informatie voor jongeren die gek zijn op harde muziek. Vandaar dat ook uitgebreid aandacht wordt besteed aan beschadigingen en twee soorten slechthorendheid waardoor de kwaliteit van het leven dramatisch kan worden beïnvloed.
In 'Alles draait om bereikbaarheid' wordt het vraagstuk van toenemende mobiliteit en de daarmee gepaard gaande afnemende bereikbaarheid behandeld. Dit vraagstuk is niet eenvoudig op te lossen. De leerlingen worden uitgenodigd op de stoel van de minister plaats te nemen en de verschillende mogelijkheden tegen elkaar af te wegen. Duidelijk wordt dat een oplossing alleen mogelijk is wanneer iedereen meewerkt.
Ten slotte een al wat oudere bestseller: 'Drugsmagazine'. Dit blad geeft informatie aan jongeren en ouders, over roken, blowen, drinken, slikken en gokken. Van dit alom gewaardeerde en nu weer geactualiseerde magazine zijn inmiddels meer dan 1.300.000 exemplaren aangevraagd! De opzet met één deel voor jongeren en één deel speciaal voor ouders (omgedraaid aan de achterzijde) is hetzelfde gebleven. In het midden bevindt zich het uitneembare informatiekatern met de feiten over alle bekende en minder bekende drugs zoals alcohol, hasj en weed, maar ook over nieuwe middelen als 'smart'drugs en paddestoelen. Waardevolle actuele informatie voor iedereen, zelfs voor leraren.
Docenten en andere geïnteresseerden kunnen deze uitgaven zowel schriftelijk, telefonisch als per fax in elke gewenste hoeveelheid bij de uitgeverij bestellen. De boekjes zijn gratis. Alleen de verzendkosten worden in rekening gebracht. Melden bij Zorn uitg. bv, Postbus 434, 2300 AK Leiden, tel. 071 5149141, fax 071 5120278
Uitzendorganisatie voor hao opent vijfde vestiging
Met de opening van Agrojobs Delft, 11 februari jl., heeft elke agrarische hogeschool in Nederland nu een Agrojobs-filiaal. Bedrijven in de agribusiness en aanverwante sectoren hebben daarmee één aanspreekpunt voor het vervullen van vacatures.
De diensten van Agrojobs zijn tweeledig. Ze bemiddelt bij uitzenden, detacheren en werving & selectie en begeleidt door training & coaching en door 'training on the job'. Alle Agrojobs-filialen profileren zich als professionele bedrijven die hun diensten aanbieden op basis van 'no cure, no pay'. Het filiaal in Delft heeft twee medewerkers, beiden met een agrarische hbo-opleiding.
Chia-Feng 1.000e gediplomeerde 'Dutch Flower Arrangements'
Het diploma Dutch Flower Arrangements (DFA) werd onlangs voor de duizendste keer uitgereikt. De gelukkige was Chia-Feng Liang uit Taiwan.
Zij volgde haar opleiding bij licentieschool China Floral Art Foundation in Taipei. Daar legde ze onder toezicht van European Flower Design Academy (EFDA) het examen af. Met groot succes, want het gemiddelde cijfer dat Chia-Feng voor de onderdelen bruidsboeket, rouwarrangement, handge-bonden boeket, standaardbloemstuk en tafeldecoratie haalde was 4,2 op een schaal van 1 tot 5.
China Floral Art Foundation richt de vervolgopleiding Advanced Dutch Flower Arrangements (ADFA) in. De Taiwanese stichting krijgt daarbij ondersteuning van Zuidkoop bv. Het examen ADFA wordt dit jaar voor het eerst afgenomen bij de Master Flower School in Tokyo en op acht aoc-locaties in Nederland.
'Platform' exit
Van 'Platform', het externe magazine over de beleidsterreinen van het ministerie LNV, is in december 1998 het laatste nummer verschenen. Het blad werd 14 jaargangen in closed circulation verspreid.
De directie Voorlichting, uitgever van Platform, heeft tot opheffing besloten 'in verband met een heroverweging van haar taken en werkzaamheden, gekoppeld aan een personele bezuiniging'. Bovendien is veel informatie te vinden op de website van het ministerie.
Samenwerking met slagersvakopleiding
Vertegenwoordigers van aoc's die levensmiddelentechnologie in hun opleidingenpakket hebben en vertegenwoordigers van de SVO (Slagersvakopleiding) willen van elkaar leren. Ze gaan in een werkgroep ervaringen uitwisselen en zo mogelijk programma's op elkaar afstemmen. Hoe innig of los de beoogde samenwerking er uit gaat zien, is nog onduidelijk.
Dimph Rubbens projectleider Agrarisch Onderwijs bij APS
Dimph Rubbens is de nieuwe projectleider van de afdeling Agrarisch Onderwijs op het Algemeen Pedagogisch Studiecentrum (APS).
Haar taken hebben te maken met de veldorganisatie, de multiculturele deelname aan het agrarisch onderwijs en maatschappelijke thema's zoals emancipatie. De agrarische onderwijsinstellingen en andere organisaties kunnen haar benaderen voor adviezen en begeleiding, bijvoorbeeld bij de procedure van de VIA-aanvragen.
Jaap Rosier, haar voorganger, heeft andere taken gekregen. Hij blijft projectleider van de Veilige School, maar daarnaast gaat hij zich vooral bezig houden met ICT als onderwijskundige ontwikkeling. De werkzaamheden van Rosier vallen onder het ministerie van OCenW.
'Deurne' en 'Goes' samen te paard
De paardenwereld houdt aantrekkingskracht. De laatste jaren is er een toenemende decentralisatie en spreiding van hippische opleidingen en cursussen. NHB Deurne (Helicon Opleidingen) presenteert en profileert zich graag als het landelijk hippisch kenniscentrum. Maar ze gaat ook samenwerkingsovereenkomsten aan met aoc's en andere organisaties die iets hippisch in de aanbieding hebben. Bijvoorbeeld met OC Holland Zeeland in Goes.
Als het OCHZ Goes binnenkort toestemming krijgt de 2-jarige dagopleiding paardenhouderij en paardensport te starten, zal zij die opleiding afstemmen op het leerplan in Deurne. Na het traject beginnend beroepsbeoefenaar (BB) kunnen Zeeuwse meisjes en jongens dan doorstromen naar de 3- of 4-jarige opleiding paardenhouderij te Deurne. Ook zal 'Deurne' als supervisor betrokken zijn bij de selectie van leerlingen en later bij de examinering.
Project 'Koeien en Kansen'
Twaalf veehouders en een reeks onderzoeksinstellingen gaan van start met het milieuproject 'Koeien & Kansen' dat als ondertitel 'Pioniers Duurzame Melkveehouderij' heeft. Tot nu toe was dit project bekend onder de naam VDM. De nieuwe naam en bijbehorend logo zijn eind januari gepresenteerd en het onderzoek start in maart.
In het project van zes jaar verkennen de deelnemers de toekomst van de (duurzame) melkveehouderij. De projectorganisatie is in handen van Carel de Vries, bedrijfsleider van De Marke, Proefbedrijf voor Melkveehouderij en Milieu, in Hengelo (Gld.). Binnen drie jaar zouden de eindnormen van MINAS gehaald moeten worden. Behalve aan milieu wordt ook aandacht besteed aan natuur, energie, gewasbescherming en welzijn. Verder willen de deelnemers in 2002 aan de aangescherpte nitraatrichtlijn voldoen. Het project zou moeten laten zien hoe melkveehouderij, milieu en diervriendelijkheid hand in hand kunnen gaan.
Tijdens het project moet duidelijk worden hoe de duurzaamheidsdoelen uitwerken in de bedrijfsvoering, bedrijfsresultaten en milieukwaliteit. Zo onderzoekt 'Koeien & Kansen' ook in hoeverre MINAS daadwerkelijk bijdraagt aan het verbeteren van de milieukwaliteit. Onder meer zullen het nitraatgehalte in het grondwater en oppervlaktewater en de ammoniakemissie op de bedrijven gemeten worden. Een ander belangrijk onderdeel is het meten van de effecten van het halen van de norm op de bedrijfseconomie.
Het is de bedoeling dat de deelnemende veehouders een centrale rol spelen in het overdragen van informatie aan adviseurs, voorlichters, studiegroepen en overige veehouders. Daarnaast produceert Koeien & Kansen informatie die van belang is voor het provinciaal, landelijk en zelfs Europees bestuur.
Bij Koeien & Kansen zijn betrokken Praktijkonderzoek Rundvee, Paarden en Schapen (PR), Instituut voor Agrobiologisch en Bodemvruchtbaarheidsonderzoek (AB-DLO), Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM), Landbouweconomisch Instituut (LEI-DLO), Nutriënten Management Instituut (NMI), Bedrijfslaboratorium Oosterbeek (BLGG), Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), Instituut voor Milieu- en Agritechniek (IMAG-DLO) en De Landbouwvoorlichting (DLV).
Interim-management IPC Plant aangesteld
P. Heldens is per 27 januari jl. benoemd tot interim-manager van IPC Plant. Heldens was al voorzitter centrale directie van IPC Dier. De voormalige leden van de centrale directie van IPC Plant (Beärda en Van Nieuwenhuizen) zijn vanaf die datum belast met andere taken. Het bestuur van IPC Plant heeft dat besluit genomen omdat het van mening is dat de implementatie van het nieuwe beleid (reorganisatieproces en reorganisatie-implementatie) het beste gestalte kan krijgen door een extern persoon.
Apotheker hoort voorstellen over hao-samenwerking
Tijdens een 'informatief' overleg dat de bestuursvoorzitters van de hao-instellingen op 8 februari met landbouwminister Apotheker hadden, zijn hem twee voorstellen voor samenwerkingsvormen gepresenteerd. Het ene is een 'competentienetwerk' (van Delft, Den Bosch, Dronten en Stoas) waarin projectmatige samenwerking met behoud van autonomie van de scholen. Het andere (van Larenstein en Van Hall), waarvoor de term 'concern' circuleert, ligt dichter bij het consortium-idee. Voor eind februari maakt Apotheker een keuze.
Versterking van het hao is voor beide voorstellen een belangrijk motief; alleen de wijze waarop dat zou moeten, loopt uiteen. In het competentienetwerk zoeken instellingen elkaar op per project. Het voorstel heeft geen gevolgen voor de besturen. Scholen kunnen zich aansluiten bij een landelijk agrarisch samenwerkingsproject als ze daarvan de voordelen zien. Zo wordt nadrukkelijk ook de optie van niet-agrarische samenwerking in de regio open gehouden. Want herkenbaarheid in de regio vinden deze instellingen heel belangrijk.
Het andere voorstel gaat om strategische hao-samenwerking. Een te vormen overkoepelend bestuur is verantwoordelijk voor strategisch beleid op het gebied van onderwijsaanbod, onderwijsontwikkeling, marketing en samenwerking met bijvoorbeeld Wageningen UR. De invulling van dat beleid en de financiële verantwoordelijkheid liggen dan nog wel bij de afzonderlijke instellingen. Het voorstel beantwoordt, aldus de bedenkers ervan, aan de wens een samenhangende agrarische kennisinfrastructuur te realiseren. Ze vinden ook dat het beter aansluit bij beleidsnotities waarin het belang van sectorale binding en herkenbaarheid van de hao-opleidingen in die sector wordt benadrukt. Een ander motief voor het voorstel is dat het hao zo als één geheel kan optreden naar Wageningen UR of andere partners, de overheid of het overige hbo. Ze hopen dat de landelijke verbinding (waarvoor zij op hun beurt de andere vier hao-scholen uitnodigen) ertoe leidt dat hao-afgestudeerden in de sector worden gezien als 'mensen die je moet hebben'. Zij kiezen dus meer voor landelijke herkenbaarheid.
Minister Apotheker vroeg de bestuursvoorzitters om een toelichting en stelde, aldus Jo Latijnhouwers, directeur van de SHAO, kritische vragen. "Hij constateerde dat het twee heel verschillende voorstellen waren. Tegenover het plan van 'de vier' had hij enige scepsis en het plan van 'de twee' was hem helder, maar hij heeft nog geen uitspraak gedaan." De minister heeft toegezegd voor eind februari zijn standpunt per brief bekend te maken.
Latijnhouwers verwacht dat, wat er ook gebeurt, de functies en deskundigheden van zijn bureau voortgang vinden. "Beide concepten stellen wel dat de SHAO anders wordt, maar beide streven er ook naar een plaats voor de mensen uit het bureau te reserveren." Het bureau verdwijnt wellicht, maar de mensen blijven.
Voor 18 maart zal de landbouwminister ongetwijfeld meer zekerheid over de toekomst van het hao wensen. Dan is een commissievergadering gepland over alles wat Apothekers' voorganger op het departement, Van Aartsen, en diens adviseur Peper een paar jaar geleden hebben aangezwengeld.
Scholing en implementatie nOise
De afbouw en oplevering van het pakket nOISe ov/ob verliep vorig jaar niet zonder vertraging, maar intussen is het volledige pakket dan toch bij Stoas op de pilot-computer ge<nstalleerd. Er is ook al volop getest en beoordeeld.
Er blijkt veel te kunnen, maar ... hoe meer men wil, hoe meer er moet worden gedaan aan beheersing en consistentie van de informatie. Daar is op geanticipeerd door een module 'synchronisatie van structuren' te ontwerpen. Die is getest en werkt goed. De 'taskforce' is opgeheven en nu is de 'onderhoudsgroep' weer eerst verantwoordelijke voor toekomstige aanpassingen in het kader van onderhoud en uitbreiding.
De 'klankbordgroep', samengesteld uit vertegenwoordigers van de participerende instellingen zal de nieuwe onderdelen testen. Vanuit de AOC-raad neemt Jan Schrewel deel aan de onderhoudsgroep en Arie Ruiter aan de klankbordgroep. Beide groepen rapporteren en brengen advies uit aan het Bestuur van het BVE-Platform, waarin R. Schilt de aoc's vertegenwoordigt.
De planning van de nu lopende Pilot loopt eind maart af, vaststelling van de besluiten en rapporten wordt eind mei verwacht. Het streven is rond augustus dit jaar met de implementatie te beginnen, mogelijk beginnen de pilotinstellingen op grond van de daar reeds aanwezige kennis en ervaring al in april.
Uiteraard heeft de stuurgroep ook al bedacht dat personeel dat met nOise ov/ob gaat werken tijdig geschoold moet worden. Malmberg Informatisering - inmiddels ook van Stoas - heeft scholingsmateriaal ontwikkeld, dat op een CD-ROM aan de aoc's en roc's wordt geleverd. Het wordt de basis bij elke aan de implementatie voorafgaande scholing.
Kwalificatiestructuur 2000+ stagneert
Lobas had een gedegen stuk geproduceerd over de opzet van Kwalificatiestructuur 2000+. Lobas verwachtte op 18 december 1998 dat de agrarische bloedgroep van de Commissie Onderwijs Bedrijfsleven (COB) het stuk zou goedkeuren. Echter Lobas kreeg op 18 december een koude douche: de onderwijsvertegenwoordiging in de COB bleek moeite te hebben met de gang van zaken en het voorlopige resultaat.
Een van de COB-mannen las een verklaring voor waaruit duidelijk werd dat slechts onderdelen van de KS 2000+ de goedkeuring van de wijzen kon wegdragen. De rest is vooruitgeschoven naar een COB-vergadering in februari. We hopen u er spoedig nader over te kunnen informeren.
Onderzoek imago aoc-onderwijs
Telemarketing TDU heeft in opdracht van de AOC-raad via Verhoef Communicatie te Emmen een telefonisch onderzoek verricht onder 130 decanen van havo-, mavo- en vbo-scholen. De vragen gingen over (1) hoe is omgegaan met het decanenpakket van het aoc-onderwijs, (2) hun opmerkzaamheid van de radio- en tv-commercials en (3) algemene onderwerpen over aoc-onderwijs.
Van de 130 decanen hadden er 25 de toegezonden poster (nog) niet opgehangen. Velen vonden de afmetingen te royaal. Tweederde van de decanen liet het aan de leerlingen over de antwoordkaarten bij hen op te halen, 25 decanen legden of hingen ze bij de posters, enkelen verwezen naar klasseleraar, kantine of directie, 11 decanen deponeerden ze in de mediatheek en 8 begeleiders confronteerden hun 'mentees' met aoc-onderwijs door de kaarten uit te delen.
De nieuwe aoc-studiegids werd goed ontvangen. Van de 130 bevraagden vonden 82 'm goed, 23 redelijk en hadden 25 'm mogelijk niet ingezien.
De werkdruk stond decanen waarschijnlijk niet toe de radio- en tv-spots (SBS 6) waar te nemen: 119 van de 130 zagen niets en 123 van de 130 hoorden niets.
Bijna 85 procent van de deskundigen vindt de 'nieuwe' aanduiding 'AOC-onderwijs opleidingen voeding, natuur en milieu' duidelijk. Verder meent de helft dat meer leerlingen dan voorheen zich dank zij die nieuwe aanduiding op het aoc- onderwijs zullen oriënteren en 43 decanen bekenden de website van het aoc-onderwijs bezocht te hebben of van plan te zijn dat te zullen doen. Van wie dat niet doen gaf menigeen te kennen dat hun school geen aansluiting op Internet heeft.
Lobas en het 10.000e trekkerrijbewijs
Op 15 januari smaakte Lobas-directeur Jan Gravemaker de eer en het genoegen in Dodewaard het 10.000e Trekkerrijbewijs Jeugdigen te mogen uitreiken. Gelukkige uitverkorene was Gerard Jansen, een 16-jarige leerling dierhouderij.

Jan Gravemaker van Lobas reikt het 10.000e trekkerrijbewijs uit aan Gerard Jansen van Helicon Kesteren.
Foto: Lobas
De Regeling Trekkerrijbewijs Jeugdigen is in 1978 in het leven geroepen om de veiligheid van vaak jonge medewerkers op agrarische bedrijven te waarborgen. Tot 1995 werd de uitvoering verzorgd door de Stichting Georganiseerde Examens in de Landbouw. In verband met wijzigingen in taakstellingen en procedures nam Lobas die taak per 1 april 1995 over. Erkende examinatoren, aangesteld namens de aan aoc's en ipc's verbonden Regionale Commissie voor Toetsing en Afsluiting (RCTA) nemen de examens af. Op dit moment zijn er ruim 90 locaties waar de examens worden afgenomen.
Het examen bestaat uit een theorie- en een praktijkdeel. Het theoriedeel omvat een schriftelijke toets waar borden, verkeerstekens, verkeersvoorschriften, veiligheids- en inrichtingseisen worden behandeld. In het praktijkdeel worden de volgende onderdelen getoetst: algemene rijvaardigheid, rijden op de weg, keren op de weg, achteruit rijden en aan- en afkoppelen van aanhangwagens of werktuigen.
Groen licht voor Groen Licht
Over 'Groen Licht' het project dat integratie van gehandicapte jongeren in het agrarisch onderwijs wil bevorderen hebben we al eerder bericht. Inmiddels heeft de stuurgroep van het project, op advies van het uitvoerende CINOP zes 'pilots' geselecteerd die op korte termijn zullen starten.
Selectie heeft plaatsgevonden op grond van het eerder verstrekte zelfbeoordelingsinstrument (zelf-audit), terwijl ook naar de geografische spreiding gekeken is.
De volgende aoc-locaties zijn voor de pilots voorgedragen: Groene Welle, locatie Zwolle Helicon Opleidingen, locatie Vught AOC Midden Nederland, locatie Houten AOC Limburg, locatie Roermond AOC Friesland, locatie Leeuwarden AOC Florens College, locatie Amsterdam De eerste bijeenkomst voor de zes Groen Licht pilots heeft inmiddels in Houten plaatsgevonden.
Kwaliteitszorg wordt vervolgd
Veel aoc's hebben, zo bleek uit de evaluatie van het project kwaliteitszorg, problemen met de eerste stappen in de kwaliteitszorgcyclus: meten en normeren. Terug naar af dus. Via de VIA-commissie kreeg de AOC-raad het advies er weer een landelijk project van te maken: Ontwikkeling meetinstrumenten en landelijke kengetallen t.b.v. de kwaliteitscyclus.
Het project is in december door het ministerie van LNV goedgekeurd en mocht op 1 januari 1999 van start gaan. Op de agenda van de startbijeenkomst van de portefeuillehouders kwaliteitszorg (begin deze maand) staan:
· nadere toelichting inhoud en organisatie project;
· keuze uit de elf terreinen waarvoor in het eerste projectjaar meetinstrumenten worden ontwikkeld;
· plan van aanpak voor het eerste projectjaar (1999);
· registratie van aoc's die aan het project zullen deelnemen.
De aangewezen 11 terreinen zijn: beleid, kwaliteitszorg, financiën, personeel, communicatie, infrastructuur/voorzieningen, onderwijsaanbod, in-, door- en uitstroom en onderwijsbeleid.
De projectleiding is in handen van zelfstandig opleidingsadviseur Kerstin Baumgarten. Het project loopt tot 31 december 2002 met aan het eind van elk projectjaar een evaluatie.
Beroepenwedstrijd Tuinaanleg tijdens TuinIdee '99
De uitslag van Nationale Beroepenwedstrijd Tuinaanleg wordt op 25 februari om 19.30 uur tijdens de vierdaagse beurs TuinIdee '99 in de Brabanthallen in 's-Hertogenbosch bekendgemaakt. De aangelegde tuinen zullen ook gedurende de overige beursdagen van TuinIdee, dus t/m 28 februari te bewonderen zijn.
Welke vier tweemansteams naar Den Bosch gaan, kunnen we hier nog niet vermelden. Dat is op via de regionale voorronden in Breda en Enschede pas op 28, 29 en 30 januari uitgemaakt. Daar namen teams van zeven aoc's het tegen elkaar op: de aoc's Friesland, Twente, Helicon Opleidingen, Midden-Nederland, Groene Delta, West-Brabant en Limburg.
Hun opdracht was een tuin van 48 m2 aan te leggen. De deelnemers aan de nationale wedstrijd kregen voor de wedstrijd een tekening uitgereikt van de tuin die aangelegd moet worden. Afhankelijk van de tekening kunnen de volgende elementen in de tuin aan de orde komen: bestrating, muurtjes, trappen, houtconstructies, water en beplanting. Een vakkundige jury zal de tuinen op techniek, aanleg, afwerking en beplanting.
De Nationale Beroepenwedstrijd Tuinaanleg wordt georganiseerd door de Vereniging van Hoveniers en Groenvoorzieners (VHG), de Landelijke Organisatie Beroepsopleidingen Agrarische Sectoren (LOBAS) en een aantal Agrarische Opleidingscentra. Het team dat in 's-Hertogenbosch het hoogste aantal punten behaalt, neemt namens Nederland van 10-13 november 1999 deel aan de Internationale Beroepenolympiade in Montr,al (Canada). Tijdens deze mondiale wedstrijd is het onderdeel tuinaanleg voor het eerst als wedstrijdberoep vertegenwoordigd. Bij de vorige olympiade tuinaanleg nog de status van demonstratieberoep. In Canada zal het winnende Nederlandse team slag moeten leveren tegen de winnaars uit Duitsland, Finland, Frankrijk, Japan, Oostenrijk, Zweden en Zwitserland.

Een voorbeeldtuin van TuinIdee '99 in de Brabanthallen (25-28 februari 1999)
Groene Welle in actie voor Mappa Mondo
Enkele weken voordat minister Zalm in Amsterdam 'van ons allemaal' een Eurotaart in ontvangst mocht nemen, hield de Groene Welle in Zwolle ook een taartenactie. De brillen en stropdassen bleven schoon. Het ging er daar dan ook om op een kerstmarkt zoveel mogelijk guldens bij elkaar te krijgen voor Mappa Mondo, een niet door de overheid gesubsidieerd Rode Kruis-huis voor ernstig zieke kinderen in Wezep.

Foto: De Groene Welle
Groene Welle- leerling (en banketbakkerszoon) Eric van Faassen mocht de grootste taart aansnijden. Met de andere baksels van docenten, ouders en leerlingen en door wat andere producten en activiteiten liep de bijdrage aan Mappo Mondo op tot vierduizend gulden (= Euro 1.815,12).