Algemeen nieuws landbouwonderwijs

Nieuwsberichten periode december 1998

Nieuwe redacteur

Met ingang van 1 december j.l. heeft het redactieteam van 'Agrarisch Onderwijs' versterking gekregen van ir. Roelof Middel. Roelof (56) werkt bij IPC Dier als beleidsmedewerker kwaliteitszorg. Daarnaast verricht hij PR-activiteiten en hoodt hij zich bezig met arbo, energievraagstukken en speciale taken.

 

 

 

 

 

Congres Groene Keten in Delft

Het Transfercentrum van de Hogeschool Delft was op 26 november even 'een kruispunt van wegen waar strategische visie en praktische invulling rond ketens samen kwamen'. Op die dag organiseerde de school in het kader van haar tweede lustrumviering het congres De Groene Keten. De boodschap van een keten van zeven sprekers was duidelijk en eenduidig: Ketenvorming biedt de agrarische sector en in het bijzonder de groene ruimte volop kansen. Sprekers van naam uit stad en land, waaronder biologische boer T.J. Slob, directeur Staring Centrum A. v.d. Zande en Wilhelminahoeve-melkveehouder A. Hoogendoorn, schetsten hun toekomstvisie ten aanzien van de balans die ontstaat tussen enerzijds de agrarische oorsprong en anderzijds de integrale agroketen.

Het internationale aspect was niet vergeten. Zo konden de congresgangers live kennismaken met de heer Boehije, varkensboer en professor aan de Purdue University, USA. Vanuit Amerikaanse invalshoek gaf hij zijn visie op 'Value chains: organization and competitive strategy in the pig industry'. In het middagprogramma namen melkveehouder Hoogendoorn en biologisch ondernemer Slob de aanwezigen mee naar de praktijk van alledag. Hoogendoorn liet met de uitbreiding van zijn bedrijf tot sportattractie zien dat boeren in het groene hart nog mogelijk is. Biologische boer Slob vroeg speciale aandacht voor het verbeteren van het dierwelzijn, energie-effici0/00nt produceren en het ontzien van het milieu.

 

 

 

 

 

Directeur A. v.d. Zande van het Staring Centrum legt het ketenwezen nog een keer uit.

Foto: Margriet de Zoete

 

HBO Landbouw scoort goed

Studenten aan hbo-instellingen in de provincie oordelen positiever over hun opleiding dan studenten aan de grote universiteiten en (stads)hogescholen. Dat zit 'm vooral in studiebegeleiding (de docent kent je bij naam), en goede faciliteiten als computers en mediatheken. Dat en nog meer is te lezen in de onlangs verschenen Keuzegids Hoger Onderwijs '98-'99. De groene hogescholen komen er gemiddeld goed uit. Het advies van de gids (integraal): 'Voor aantrekkelijk praktijk onderwijs moet je volgens de studenten naar de kleinste agrarische hogeschool in Dronten. De andere vier kunnen interessant zijn als je op zoek bent naar specialismen - zoals tropische landbouw in Deventer. Leeuwarden had een goede naam, maar kampt met naweeën van reorganisaties. Studenten hebben er de meeste kritiek op hun docenten.' Voor de statistici de op grond van studentenbeoordelingen opgebouwde totaalscore van de hele club van vijf:

CAH Dronten

7,16

HAS Den Bosch

7,87

Van Hall

6,78

HS Delft

6,76

Larenstein

6,74

Nieuw management bij Larenstein

Bij Internationale Hogeschool Larenstein (Velp/Deventer) wordt het nu echt menens met de reorganisatie. Het huidige Centraal Management Team Larenstein (CMTL) wordt bijna geheel gerenoveerd. De directies Beheer/Facilitaire Diensten en Marketing/Innovatie opgeheven. Alleen de voorzitter van het College van Bestuur Leendert van den Bosch is een blijver. Verder krijgen de onderwijsdirecteuren Jan van Engelen (Ruimte en Groen) en Rob Peereboom Product en Markt) een andere functie aangeboden. Hun nog te benoemen opvolgers zullen deel gaan uitmaken van het nieuwe CMTL, samen met de pas benoemde directeur van Larenstein Transfer, mevrouw Willemien Kamphorst, en een nog aan te stellen directeur Bedrijfsvoering van de Centrale Dienst (Concernstaf en Facilitair Bedrijf).

Structureel éénmalig

Tot nu toe was u maandelijks duizend gulden aan huishuur kwijt, maar vandaag ontvangt u een brief waarin uw huurbaas meldt dat de huur van uw huis per maand met honderd gulden verhoogd wordt. Maar, zo voegt hij daar aan toe 'een dergelijke verhoging zal slechts éénmalig zijn'. Wat denkt u, betaalt u alleen deze maand elfhonderd gulden of begrijpt u er uit dat u tot de volgende wijziging een meier meer moet dokken?

Aan het begin van dit schooljaar kreeg, na lang touwtrekken over details, de AOC-raad van de secretaris-generaal van het ministerie van LNV het verheugende, maar ingewikkeld verpakte bericht dat de minister bereid was de huisvestingsvergoeding (OKF) met 1,1 miljoen gulden per jaar te verhogen. Direct op die toezegging volgde de opmerking: "Daarbij zij aangetekend, dat een dergelijke verhoging slechts éénmalig kan zijn". Goede raad duurde even, maar nog voor Sinterklaas deed de AOC-raad in een brief aan secretaris-generaal mr. Joustra een poging: Zonder nader bericht van uw kant gaat de raad (AOC-raad, red.) ervan uit dat het huisvestingsbudget structureel wordt opgehoogd met 1,1 miljoen gulden, maar dat de argumentatie daarvoor éénmalig wordt gehanteerd.

En verder kondigt de Raad aan te zullen blijven strijden tegen ongelijke behandeling van agrarisch en overig beroepsonderwijs in bve-verband.

Rode Gids 1999

De Plantenziektenkundige Dienst (PD), heeft opnieuw, nu voor de vijftiende keer een Gewasbeschermingsgids samengesteld. Met de vijftiende editie van de zogenoemde Rode Gids gaat de PD zijn honderdjarig bestaan in. De gids is een vrijwel compleet handboek over voorkomende ziekten, plagen, en onkruiden in alle belangrijke gewassen en over de maatregelen die ter bestrijding en preventie 'erkend deugdelijk en toegestaan' zijn in de gewasbescherming in Nederland. De 8000 afnemers vindt de PD in hoofdzaak bij overheden, intermediairen, onderwijs en bedrijfsleven. De gids is verkrijgbaar aan de PD- balie in Wageningen of op een van de districtskantoren.

Bestellen kunt u per fax: 0317 421701 of e-mail: a.a.meurs@pd.agro.nl.

Toekomst Praktijkleren en DWK

De directeur van LNV/DWK, mevr. prof.dr. L. van Vloten-Doting heeft in grote lijnen positief gereageerd op het eindrapport 'Toekomst Praktijkleren' dat de stuurgroep van dat project haar eind augustus aanbood.

Ze vindt dat het rapport duidelijk is over de wijze waarop aan het traject vorm gegeven kan worden. Ook is ze blij te merken dat de betrokken partijen het proces gezamenlijk willen aanpakken. Een goede voortgang is essentieel om de vraagsturing voor het cursusjaar 1999-2000 daadwerkelijk te kunnen introduceren.

Het gepresenteerde kader acht de directeur DWK goed bruikbaar en recht doen aan de behoefte aan maatwerk, dat wil zeggen maatwerk per aoc en geen landelijke arrangementen. Ze gaat er vanuit dat de arrangementen per instelling op 1 maart 1999 klaar zijn zodat de inschrijving van de deelnemers voor het studiejaar 1999-2000 vlot kan verlopen.

Ook al gelukkig is mevrouw Van Vloten met de voorgestelde ontwikkeling van ipc's gericht op een bedrijfsmatige en marktgerichte organisatie. Het ontwikkelen van businessplannen vindt ze daarbij van groot belang.

Het budget voor praktijkleren - totaal 22,2 miljoen - zal vanaf 1 augustus 1999 gefaseerd worden overgeheveld naar de aoc's, waarbij dat budget voor de vraagsturing in een periode van vier jaar wordt opgebouwd. Voor de verdeling van de middelen over de aoc's wordt als teldatum 1 oktober 1998 gehanteerd.

Ze wil wel op korte termijn praten over eventuele wachtgeldproblematiek want haar uitgangspunt is dat de daaruit voortvloeiende kosten in de overgangsperiode ten laste van het budget voor praktijkleren zullen komen. Van de ipc's en aoc's verwacht ze dan ook 'een maximale inspanning om wachtgelden te voorkomen'.

De ipc's mogen 'vooralsnog' in de WEB blijven, maar uiterlijk 2000 moet de situatie wel heroverwogen worden. "De uitkomst daarvan kan er toe leiden dat een wetswijzigingstraject alsnog wordt ingezet".

Geen steun voor leerwegen VMBO-Groen

Terwijl de OCenW-vmboscholen van hun ministerie volgens afspraak extra middelen (lees: geld) ontvangen om zich voor te bereiden op de komst van de leerwegen, krijgen scholen in het agrarisch onderwijs die niet. Dat is niet eerlijk, dat is heel gemeen, vindt niet alleen Calimero, maar ook het bestuur van de Onderwijsbonden CNV, aangespoord door onder anderen haar achterban van de werkgroep agrarisch onderwijs van de PCO.

Het bestuur van de Onderwijsbonden CNV sprak minister Apotheker van LNV er per brief op aan: 'Tot onze grote verbazing is deze regeling alleen afkomstig van het ministerie van OCenW en niet van LNV. Naar we aannemen berust dit op een misverstand. Wij kunnen ons namelijk niet voorstellen dat u er van uit gaat dat docenten in het agrarisch onderwijs, ook al zijn ze soms best inventief, zonder enige investering al de geplande de vernieuwingen kunnen invoeren. Graag zagen we daarom deze omissie hersteld.

Voorzitter Koehoorn van het agrarisch werkverband PCO vindt het onbegrijpelijk dat doorgaans automatisch naar het landbouwonderwijs doorvertaalde afspraken nu kennelijk niet gelden.

Inmiddels heeft ook de AOC-raad aan de directeur van LNV/DWK, mevrouw Van Vloten-Doting te kennen gegeven bezorgd te zijn over de bekostiging van de leerwegen in het vmbo-Groen. De Raad meent dat de aoc's conform de werkwijze bij OCenW moeten worden bekostigd en vraagt LNV/DWK op korte termijn aan de aoc's te laten weten "dat de invoering van de leerwegen voor het vmbo op gelijke wijze wordt bekostigd als bij OCenW".

KUSje van Sinterklaas

Aan de docent
Sint ging uit surfen op internet
Heeft wat hij vond op flop gezet
U, als docent die zich voorbereidt
Op onderwijs in een nieuwe tijd,
Zendt hij een van die schijven
Om bij te blijven.
Sint

Dat stond begin december op 1.500 aan docenten in het landbouwonderwijs geadresseerde enveloppen met inhoud. Hoeveel leraren in staat waren het cadeautje verder uit te pakken is ons helaas niet bekend. Ons lukte het wel. De flop bleek een demo van OCM, Online Courses Magazine, de 'Presentatie van een nieuweling'. Hoofdstukken/rubrieken: inhoud, nieuws, zoeken, archief, toepassingen, diensten, abonnementen en colofon. U kunt er leren hoe en waarom u moet leren teleleren. Dat willen uw leerlingen immers ook? Die willen toch geen saaie school, saaie docenten en saaie leerstof?

OCM is dus een niet gedrukt nieuw blad over teleleren. Volgens KUS is de tijd rijp voor zo'n elektronisch 'blad', dat als doel heeft: (1) maandelijks informeren van docenten over de stand van zaken op het gebied van teleleren en (2) wekelijks op de hoogte houden van nieuwsfeiten. Een wat cryptische aanbeveling van de OCM-demoredactie: 'Je kunt er 'links' aan toevoegen, geluid, beeld, en dat in een melange die vele malen hetzelfde biedt, maar aanvullingen op elkaar. Dan beslist u als bezoeker op welke manier en hoe diepgaand u zich laat informeren'. We nemen aan dat het gaat om een mixture die n¡et vele malen hetzelfde biedt en sluiten ons aan bij de 'laatste' wens van de redactie: "We hopen op uw geduld, gevoel voor humor en typvaardigheid om ons te wijzen op de onderdelen die niet werken'.

Het elektronische postadres van de (3) dagelijks bereikbare redactie van OCM is: ocm@buro.iend.wau.nl.

Netwerk Anna Hoeve in bedrijf

Met een druk op een reuzemuisrug (van papier-maché,), stelde René, van Schie procesmanager van het landelijke ict-project het nieuwe en geavanceerde computernetwerk van VMBO-Groen Anna Hoeve in Brielle in gebruik.

De Anna Hoeve investeerde in totaal voor zevenhonderdduizend gulden in de upgrading van de automatisering binnen de school. Omgerekend naar het leerlingentotaal een bedrag van zo'n duizend gulden per leerling. Coördinator Herman Voorbrood van de ICT-projectgroep die de komst en implementatie van het nieuwe computernetwerk op de Anna Hoeve begeleidde, vindt dat best veel geld, "maar eigenlijk ook weer niet zoveel als je je realiseert dat het gaat om de toekomst van je leerlingen."

De Anna Hoeve heeft nu een informaticalokaal met maar liefst 33 pentium II pc's en vier leslokalen met elk drie soortgelijke pc's die de integratie van de computer in de dagelijkse lessituatie mogelijk maken. Daarnaast heeft de schoolbibliotheek met acht computers het karakter gekregen van een open leercentrum en in alle andere lokalen (totaal 31) is er al of komt er binnenkort een op het netwerk aangesloten PC. Aan het eind van dit cursusjaar staan er in de school bijna honderd pentium 2 pc's, in ieder lokaal dus minstens één en bovendien een aantal computers op de werkplekken voor de leerkrachten.

Op hun eigen Internetpagina introduceren de 'IC-Teletubbies van de Anna Hoeve' de school en haar mogelijkheden. Voor wie er zelf een bezoekje wil brengen: www.annahoeve.iscool.net.

 

 

 

Het is cool surfen op de computers van de Anna Hoeve in Brielle

Foto: Anne Hoeve

 

Van 18 naar 12 in Wageningen

Wie in Wageningen aan een van de nog bestaande 18 opleidingen begonnen is, of daar uiterlijk september 1999 aan gaat beginnen, kan die opleiding 'gewoon afmaken in de vier of vijf jaar die er voor staan'. Per september 2000 wil Wageningen UR de opleidingen anders organiseren. Het onderwijsaanbod wordt dan "compacter, overzichtelijker en efficiënter". Volgens het plan worden de opleidingen (nog) meer interdisciplinair, sluiten ze goed aan op de studieprofielen in het VWO en krijgen ze duidelijker namen. Beta- en gammawetenschappen komen beter geïntegreerd aan bod in multidisciplinair en probleemgericht onderwijs. Het onderwijs van sommige opleidingen wordt verdeeld over andere.

Als alles doorgaat kunnen studenten vanaf het studiejaar 2000/2001 kiezen uit 12 Wageningse opleidingen waarvan er zes hun oude naam nog hebben: Biologie, Zoötechniek, Voeding en Gezondheid, Bioprocestechnologie, Levensmiddelentechnologie en Moleculaire wetenschappen.

Bij de 'nieuwe zes' tussen haakjes steeds de elementen waaruit ze zijn samengesteld: Landinrichting en landgebruik (Landinrichtingswetenschappen, Recreatie en toerisme en delen van Tropisch landgebruik en Rurale ontwikkelingsstudies), Bos- en natuurbeheer (Bos- en natuurbeheer, een deel van Tropisch landgebruik), Bodem, water, milieu (Bodem, water, atmosfeer en een deel van Milieuhygiëne), Plantwetenschappen (Plantenveredeling en gewasbescherming, Plantenteeltwetenschappen en een deel van Tropisch landgebruik), Milieu- en agritechniek (Landbouwtechnische wetenschappen en delen van Agrosysteemkunde en Milieuhygiëne) en Economische en consumentenwetenschappen (Economie van landbouw en milieu en delen van Agrosysteemkunde, Huishoud- en consumentenwetenschappen en Rurale ontwikkelingsstudies).

Eerste lustrum Ontwikkelcentrum

Op een ijzingwekkend koude novembermiddag hield het Ontwikkelcentrum met medewerkers, auteurs, coördinerend auteurs en vele anderen in Hierden een warm feest met veel cadeaus en lovende woorden voor zichzelf, elkaar en een ander centrum voor duurzame ontwikkeling, het NCDO.

Marcel Jurriëns, huistekenaar van de Ontwikkelcentrumfamilie, heeft tijdens de afgelopen vijf jaren vele facetten in tekeningen en cartoons vastgelegd. Elf van zijn inmiddels beroemde Ontwikkelcentrum-karikaturen werden door de medewerkers van cabaretgezelschap 'De Gemeentereiniging' bij opbod verkocht. De opbrengst, tot f3.000,- door het jubilerende Ontwikkelcentrum aangevuld, gaat in overleg met het NCDO naar een nader te bepalen 'ontwikkelingsdoel'. Vanzelfsprekend voerde 'Gemeentereiniging' behalve de karikaturen van Jurriëns nog meer prominenten 'live' ten tonele.

Via CD-ROM als cadeau voor de aanwezige relaties en verder in woord en geschrift belijdt het Ontwikkelcentrum na de gedenkwaardige jubileumviering met nieuw elan en enthousiasme eens te meer: Yes! De toekomst ligt voor ons!

Groene Delta College Oegstgeest 50

Onder het motto '50 jaar en nog steeds springlevend' viert de locatie Oegstgeest van het Groene Delta College vestiging Oegstgeest haar 50-jarig jubileum. Het startschot voor de activiteiten die hiermee gepaard gaan, werd gegeven op 19 november met de presentatie van een Milieu Educatief Centrum, waarbij ook een belangrijke rol voor de school is weggelegd. Een symposium 'Wat na 2.000?' voor de groenvoorzienerssector, bezoeken van leerlingen aan hun oude basisschool om kerststukjes te maken, een reënie voor oud-leerlingen en þmedewerkers, schoolfeesten, en de uitgave van een jubileumboekje completeren de activiteiten.

Mede door de ligging midden in een woonwijk en grenzend aan een stedelijk groengebied, is de school gevraagd mee te denken over de inrichting en beheer van de nieuwe woonwijk Broek- en Simontjespolder. Het is de bedoeling dat dit 'laatste' uit- breidingsgebied zodanig wordt ingericht dat de functies van woonwijk en recreatiegebied worden gecombineerd en dat het aansluit bij het bestaande landschap. Het toekomstig Milieu Educatief Centrum, wat vlak bij de school komt te liggen, biedt het Groene Delta College gelegenheid met haar expertise hieraan bij te dragen. Locatiedirecteur Chevalking verwacht dat de school in het MEC een belangrijke educatieve rol kan spelen, bijvoorbeeld door het geven van cursussen voor volwassenen en praktijklessen aan de eigen leerlingen op het gebied van natuur en milieu.

Het Groene Delta College Oegstgeest heeft in een halve eeuw een sterke groei doorgemaakt. De school begon als LAS met 15 leerlingen, momenteel zijn er 550 leerlingen en ruim 200 cursisten. Op het in 1996 opgeleverde nieuwe gebouw komt volgend jaar al een extra etage!

 

 

 

 

 

Wethouder A.M.J. den Elsen van Oegstgeest licht de MEC-plannen toe.

Foto: Groene Delta College

 

Nieuwe voorzitter CvB HAS Den Bosch

Het stichtingsbestuur van de HAS Den Bosch heeft de heer ir. H.J.M. Naaijkens met ingang van 1 januari 1999 benoemd tot voorzitter van het College van Bestuur. Naaijkens volgt drs. Willem te Beest op die op 1 oktober j.l. werd benoemd tot lid van het College van Bestuur van de Technische Universiteit Eindhoven.

De heer Naaijkens (49) studeerde Landschapsarchitectuur aan de Landbouwuniversiteit Wageningen en was werkzaam als beleidsmedewerker landschapsvorming bij de Rijks Planologische Dienst in Den Haag. Daarna had hij verschillende managementfuncties op het gebied van ruimtelijke planning, waterbeheer, landinrichting en milieubeheer. Van 1978 tot en met 1990 binnen de provincie Noord-Brabant en van 1990 tot en met 1995 bij Heidemij Advies BV te Arnhem. Vanaf 1995 was hij directeur van de faculteit Techniek en Natuur bij de Hogeschool Brabant in Breda. Naaijkens is in tal van functies actief betrokken geweest bij de verbetering van het milieu. Momenteel is hij voorzitter van de Brabantse Milieu Federatie en vice-voorzitter van de Stichting Natuur en Milieu.

 

 

 

 

 

Voedingsindustrie confereert over scholing en flexibiliteit

 

 

 

 

F. Apers (branchemanager Voedingsindustrie bij Randstad: "Er is veel vraag naar flexwerkers"

Foto: Lobas

 

In de voedingsindustrie is veel vraag naar flexibel inzetbare werknemers. Dat zouden heel goed op maat geschoolde flexwerkers kunnen zijn die staan ingeschreven bij uitzendbureaus. Dat stelde F. Apers, branchemanager voedingsindustrie bij Randstad, op 18 november tijdens een conferentie van Lobas in Ede. Thema van de dag: personeelsvoorziening en scholing in de voedings- en genotmiddelenindustrie.

In de regio Ede werkt Randstad samen met het Groenhorst College om deze flexwerkers op te leiden. Eduflex heet de aanpak. De flexwerker krijgt voor twee jaar een arbeidsovereenkomst en tekent voor een opleiding in diezelfde periode. Doel is doorstroom naar het bedrijfsleven te bevorderen. Ook elders lopen dergelijke projecten. Bij Eduflex gaat het voorlopig alleen nog op niveau II.

J. Broekhuis, voorzitter van de Nederlandse Voedingsmiddelenindustrie VAI schetste het perspectief vanuit het ondernemersbelang: "We willen personeel voor de sector behouden", zei hij. Zijn werkgeversorganisatie moet inspelen op meervoudige inzetbaarheid (voor jargonologen 'employability'). De projectgewijze aanpak van Lobas-voeding en haar partners SOL en LASP (Stichting Opleidingsfonds Levensmiddelenindustrie en Landelijke Stichting Agro- en Procesindustrie) is hierin belangrijk, vindt Broekhuis, maar de voedingsindustrie kan zich beter zelf daarop organiseren. Employability en flexwerkers zijn ontwikkelingen die om een reactie vragen. Intussen neemt de werkgelegenheid in de voedingsindustrie (in 1994 nog bijna 120.000 mensen) af. De werkgevers stellen hogere eisen aan 'de kwaliteit' van de werknemers. De sector wenst breed inzetbare en gemotiveerde mensen, bijscholingen en maatwerk in die scholing. Dat heeft ook sociale consequenties. Volgens de derde inleider in Ede, F. Baas van de Algemene Werkgeversvereniging Nederland (AWVN), moet je hier een Europese dialoog over voeren. Met het bestaan van Europese scholingsfondsen en de komst van de Euro is dat voor hem vanzelfsprekend.

Op een andere schaal zijn sinds 1996 de brancheregiocombinaties (brc's) actief. Er zijn er zes georganiseerd, rond evenveel aoc-vestigingen met opleidingen voedingsindustrie in Leeuwarden, Almelo, Ede, Alkmaar, Delft en Boxtel. Binnen deze brc's discussiëren Lobas, SOL en de aoc's met de regionale bureaus arbeidsvoorziening (rba's) en het sectorale bedrijfsleven in de regio. Het zijn platforms die regionaal activiteiten kunnen starten om bijvoorbeeld inzetbaarheid van werknemers te vergroten, mobiliteit te bevorderen of een betere afstemming van onderwijs en arbeidsmarkt te realiseren.

Alle inleiders zeiden onder bepaalde voorwaarden wel voordelen van de brc's te zien. Zo pleitte Broekhuis voor een landelijk netwerk van brc's, vond Baas dat de top van de aoc's zich zou moeten uitspreken over hun verwachtingen en meende Apers dat de brc's zinvol kunnen bijdragen aan Eduflex.

CAH Dronten even emigratieschool

Tweedejaarsstudenten van de CAH Dronten sloten in de laatste week van november de module 'Westerse Landbouw' met een symposium annex internationale week af. De module vooraf bood studenten de gelegenheid zich te oriënteren op de (on)mogelijkheden van emigratie door te kijken naar andere culturen onder andere via een rollenspel. Ook moesten zij een checklist opstellen met belangrijke zaken die te maken hebben met emigratie en studie maken van een aantal voor hen interessante gebieden. Eindopdracht was voor één gebied een uitvoerig emigratieplan opstellen. Op 24 en 26 november waren er inleidingen en discussies.

Volgens de heer Robben van LTO Vastgoed, afd. Emigratiebemiddeling, een van de inleiders op het symposium, is emigratie een typisch Nederlands thema en is er momenteel toenemende belangstelling voor. Robben meent dat die interesse een gevolg is van vooral minder waardering voor het agrarisch ondernemerschap door de Nederlandse samenleving. Bovendien is Nederland steeds minder interessant als agrarisch land vanwege haar kleinschaligheid, intensieve teeltwijze, beperkte ontwikkelingsmogelijkheden, schaarse en dure grond en dure productiemiddelen. Min of meer populaire emigratielanden zijn Canada, Denemarken, Duitsland en Frankrijk. Deskundigen uit Polen, Brazilië, Japan en Finland droegen ook hun stenen bij in de informatievoorziening.

'Buitenlandse' CAH-studenten en enkele via de Stichting Uitwisseling naar Dronten gekomen buitenlandse stagiaires brachten via inleidingen en in discussies de buitenlandse praktijk dichterbij.

Omdat alle studenten van de CAH verplicht een stage in het buitenland moeten doen, was de internationale week een goede mogelijkheid om een land alvast wat te leren (ver)kennen. De stageopdracht bouwt trouwens voort op wat de studenten in de module 'Westerse landbouw' als basis voor hun buitenlandse proefperiode hebben meegekregen. Na de afsluitende forumdiscussie maakten studenten en buitenlandse stagiaires ruim en enthousiast gebruik van de mogelijkheden op informele wijze internationale banden te smeden.

Een kwart eeuw levensmiddelentechnologie in Boxtel

Sinds 1973 heeft 'MAS-Boxtel' (Helicon Opleidingen) 1.600 levensmiddelentechnologen afgeleverd. Ze deden de 4-jarige A- opleiding voor 'de levensmiddelenindustrie in Zuid-Nederland gericht op de sectoren vlees, zuivel, dranken, groente en fruit', een brede opleiding voor functies op het gebied van productie, productontwikkeling en kwaliteitscontrole, of - vanaf 1986 - een 3-jarige B-opleiding.

Het pas verschenen mooi uitgevoerde jubileumboek '25 Jaar Levensmiddelentechnologie' brengt met feiten en foto's, gedichten, gedachten en grappen de periode prettig leesbaar weer tot leven.

Op de laatste 10 bladzijden (van de 52) vindt u alle 1.647 namen van gediplomeerden en leraren. Onder hen een respectabel aantal groten der aarde! De top-11 uit de collectie: W. Aarts, G. Ackermans, J. Blokland, R. Creemers, D. Herenius, R. van Holsteijn, C. Hoi Kwong, M. Leune, A. Manteleers, C. Verhoeven en J. Verstappen.
Oplage: 2000 ex.

 

 

 

Levensmiddelentechnologie, al 25 jaar bij Helicon Boxtel

Foto: Helicon Opleidingen

CAH Dronten in virtual reality

Derdejaarsstudenten van de Christelijke Agrarische Hogeschool Dronten hebben zich de afgelopen weken intensief verdiept in mogelijkheden voor de landbouw en agribusiness in Delfland. Het ging om een studieproject waarin de studenten agrarische bedrijfskunde en diergezondheidszorg de opdracht kregen een fictief bedrijf op te zetten in het genoemde gebied, terwijl de studenten veehouderij en plantenteelt als opdracht hadden de bedrijven te bezoeken en contracten af te sluiten.

Met gegevens van o.a. de gemeenten in Delfland, het CBS, Internet en informatie van uit het gebied uitgenodigde sprekers hebben de studenten zich eerst een zo goed mogelijk beeld van Delfland gevormd. Na die oriëntatie hebben ze diverse bedrijven opgezet of fictief overgenomen, waaronder een account-adviesbureau dat zich richt op MINAS-boekhouding en salarisadministratie, een diergezondheidscentrum, een vastgoedbedrijf, een bedrijf voor stalinrichting, een mechanisatiebedrijf voor de tuinbouw, een bedrijf dat landbouwproducten direct afzet aan detaillisten en een uitzendbureau.

Voor de afronding van het project werd de aula van de school in Dronten omgebouwd tot een landbouwbeurs waar de diverse bedrijven zich presenteerden. Sommige projectgroepen presenteerden zich via een Internet-site, andere toonden materiaal dat met hun bedrijf te maken had. De studenten veehouderij en plantenteelt deden zaken met de bedrijven.

 

 

 

 

Delfland in Dronten, toch een beetje consortium?

Foto: CAH

Discussiegroep ICT in het Agrarisch Onderwijs

In het agrarisch onderwijs wordt alom heftig geïceeteed. Er wordt op veel verschillende plaatsen intensief gezocht en geëxperimenteerd om een goede invulling te vinden voor de leerlingen. Elkeen, ook u, zoekt in z'n eigen klein hoekje naar oplossingen voor gelijksoortige problemen. Door de slimsten worden herhaaldelijk dezelfde unieke wielen uitgevonden, terwijl weer andere zoekende zielen daar nog slechts van hun eigen unieke wiel dromen.

Maar weest wakker! Er is een discussiegroep ingesteld bij de Listserver van Surfnet. Deze groep is bedoeld als een elektronisch platform waar vragen kunnen worden gesteld en oplossingen kunnen worden aangedragen. Enige belang: elkaar helpen bij de invoering van ICT in het onderwijs.

De listserver werkt via E-mail of desgewenst via een Webpagina. Dit moet u doen: Stuur een 'meeltje' naar: Listserv@nic.surfnet.nl. Bij 'onderwerp' (of 'subject') hoeft u niets te melden, maar uw bericht moet de volgende tekst bevatten: Subscribe ICT-AO direct gevolgd door uw voornaam en uw achternaam.

De listserver reageert door uw aanvraag te bevestigen. U moet die dan definitief maken door de aangegeven Internetpagina aan te klikken of een mail terug sturen via een opdracht 'afzender antwoorden' ('reply'). Dat antwoord hoeft alleen de tekst OK te bevatten. Vervolgens merkt u het wel.

Als de hiervoor aangegeven gebruiksaanwijzing te ict- onvriendelijk is, mag u zich per pre-historische telefoon of nog hedendaagse e-mail richten tot Arie Keijzer van Stoas APH, 0321 386 176 of AKe@stoas.nl.

LandbouwRAI 99

Van 18 tot en met 23 januari 1999 is Amsterdam RAI een week lang het ontmoetingscentrum voor de agrarische sector. LandbouwRAI 99 is de 20e editie van deze tweejaarlijkse agrarische vakbeurs. Nieuw op de beurs is het noviteitenplein, waar alle genomineerde producten voor de RAI/Boerderij Agro Award worden getoond. Deze Award is een prijs die door een deskundige jury wordt toegekend aan de opvallendste nieuwe producten voor de agrarische sector. Minister van LNV Apotheker zal de prijswinnaar(s) tijdens de opening van de vakbeurs bekendmaken en huldigen.

Overal in schort en overall

Op Wereldplattelandsvrouwendag, 15 oktober, werd in Wageningen het boek 'Drie generaties in schort en overall; terugblik op een eeuw vrouwenarbeid in de landbouw' door Margreet van der Burg en Krista Lievaarts gepresenteerd.

Het boek schetst de veranderingen in de arbeid van een zeer omvattende groep werkende plattelandsvrouwen: vrouwen in de landbouw. Nog steeds is het agrarische gezinsbedrijf de basis van de Nederlandse landbouwproductie gebleven. Vele vrouwen hadden en hebben daarin hun aandeel, maar tot nu toe kwamen zij nauwelijks voor het voetlicht en is weinig over hen opgetekend. In het boek komen zij zoveel mogelijk zelf aan het woord.

Het boek gaat meereizen met de tentoonstelling 'In schort en overall. Plattelandsvrouwen over veranderingen in hun arbeid' die door de Werkgroep Vrouwen in de Landbouw (WVL) te Wageningen is opgezet.

'Drie generaties in schort en overall; terugblik op een eeuw vrouwenarbeid in de landbouw', WVL/AKB nr 148, ISBN 90 6754 5449 kost f15,- en is verkrijgbaar bij de afdeling Kennisbemiddeling, LUW, Postbus 9101, 6700 HB Wageningen, 0317 484062.

Presentatie eindrapportage AOC/IPC milieuproject

 

 

 

De netwerkers natuur- en milieu-educatie van aoc's en ipc's met scheidend secretaris Ruud Hansen (geheel links) poseren trots met hun eindrapportage in de hand


"Pas als je van iets houdt, kun je er verstand van krijgen." Met deze woorden keek Ruud Hansen terug naar zijn periode als secretaris en inhoudelijk begeleider van het AOC/IPC Milieu-project. Dit project liep op 1 augustus 1998 af.

Centrale doelsteling was de ontwikkeling en invoering van natuur- en milieu-educatie in het voortgezet agrarisch onderwijs. De werkwijze was erop gericht dat aoc's en ipc's hierin zelf de verantwoordelijkheid nemen.

Inmiddels heeft de kerngroep van het project een eindrapporta-ge opgesteld met als titel 'Het lichtje op groen tussen de oren is beter gaan branden'. De eerste exemplaren werden door Ruud Hansen uitgereikt aan de netwerkers van de deelnemende instellingen (aoc's en ipc's) op de landelijke netwerkdag op 3 november 1998. De rapportage bestaat uit een beknopte beschrijving van het project met conclusies en aanbevelingen en een naslagwerk. In het naslagwerk zijn naast een beschrijving van behaalde resultaten per instelling ondermeer foto's te vinden van vele betrokkenen.

Uit de rapportage blijkt dat een fors deel van de gestelde doelen verwezenlijkt zijn. Wel moet er voor volledige realisatie nog verder gewerkt worden. De stand van zaken op de deelnemende instellingen bevestigt dit. Van de 20 deelnemende instellingen geven er 19 aan verder te willen werken aan NME. De rapportage geeft als aanbeveling de landelijke aandacht voor NME nog drie jaar voort te zetten met het doel 'Onderlinge ondersteuning van de instellingen bij de invulling van hun beleidsvoornemens mogelijk te maken.'

De rapportage zal besproken worden binnen AOC-raad, VPL en bij het ministerie van LNV. In afwachting van deze besprekingen heeft de AOC-raad besloten het NME-netwerk en de Kerngroep voor het schooljaar 1998-1999 in stand te houden.

Terug naar archief nieuws